De reuzen

 

In het kader van Leeuwarden culturele hoofdstad bracht Theater Royal de Luxe een bezoek aan de hoofdstad van Friesland, een fantastisch spektakel.

Als ik kijk naar de grote mensenmassa’s ben ik blij dat ik alles van afstand op mijn scherm kan bekijken, maar ik zou er toch wel erg graag bij zijn geweest.

Wat een prachtig schouwspel!

Het Franse theater Royal de Luxe laat een enorme hond, een reuzenmeisje en een reuzenduiker een lange tocht afleggen door de straten van Leeuwarden en vertelt ondertussen het bijpassende verhaal: er is een blok ijs gevonden waarin zich een enorme schaats bevindt, gemaakt van mammoetbot en -leer.

De vondst van deze prehistorische schaats bewijst dat er toen al reuzen bestonden.

Na een tocht van drie dagen worden de reuzenvader en zijn dochter herenigd en komt alles goed.

De reuzen worden verplaatst door horden in rood livrei gestoken poppenspelers, die zich bedienen van hijskranen, rollend materieel en tientallen touwen met katrollen.

Ze kunnen lopen, hun armen bewegen, zitten en rondkijken. Hun ogen knipperen ook overtuigend.

We volgen het meisje (in het Fries Femke, wat veel mooier klinkt) als ze slaapt, opstaat, doucht en op zoek gaat naar haar vader.

Alle activiteiten worden uitvoerig becommentarieerd, meestal in het Frans en er is steeds muziek.

De hond is levensecht en krijgt regelmatig een stralend kind op zijn rug.

Wat opvalt is, dat er geen enkele poging wordt gedaan de mechanische kant te verdoezelen: de touwen en katrollen zijn duidelijk zichtbaar, evenals de poppenspelers die alles bedienen. Sterker nog: we worden overal bij betrokken, want de omroeper geeft het ritme aan waarin de reuzen moeten bewegen.
Toch heb je er als kijker volstrekt geen last van, je hersenen filteren moeiteloos de hulpmiddelen weg zodat je alleen ziet wat belangrijk is. Het meisje kijkt je aan met haar enorme ogen, knippert loom en draait dan haar hoofd weg. Ze zag mij!
De duiker plaatst zijn voeten, die in zware loodschoenen gestoken zijn zorgvuldig en waakt ervoor niemand in gevaar te brengen met zijn enorme gewicht en lengte (hij is 11 meter hoog!).

 

 

We zien opnamen vanuit een kantoor op de derde verdieping, het gebeurt niet elke dag dat de medewerkers door hun raam iemand op eigen hoogte voorbij zien lopen.

De medewerkers van het theater werken zich uit de naad en roepen vanwege hun kleding duidelijk een associatie op met Gulliver’s Travels.

Langs de weg staan duizenden toeschouwers, vooral de kinderen zijn heel erg enthousiast.

Tijdens haar tocht neemt het reuzenmeisje plaats op een enorme motorfiets, en op een grote step. Ze krijgt ook een lolly met een doorsnede van 30 centimeter.

We mogen meekijken als het meisje een douche neemt, als de lakeien haar sokken en schoenen aantrekken (die zijn een meter lang) en haar jurk aantrekken. Een van de dienaren zorgt ervoor dat ze steeds decent bedekt blijft.

Tijdens haar wandeling staat het reuzenmeisje ineens stil. De Franse dame met roeptoeter kondigt aan dat ze moet plassen!
Langzaam zakt het reuzenmeisje door haar knieën en terwijl ze sereen om zich heen kijkt vormt zich een kleine vijver rond haar voeten. Want reuzenmeisjes hebben ook een reuzenplas.
De livreiërs hebben  haar inmiddels decent de rug toegekeerd en wachten geduldig tot het karwei geklaard is.
Sommige toeschouwers zijn in verwarring: zijn ze nu voyeuristisch bezig en moeten zij ook niet wegkijken?

Op Youtube staan tientallen filmpjes, ik kan er geen genoeg van krijgen. We keken naar een samenvatting van Omroep Friesland, en konden en passant nog even ons Fries ophalen toen omstanders werden geïnterviewd.

 

Wat een mooie voorstelling. Zouden ze een keer in Almere op bezoek komen?

 

De reuzen van Royal de Luxe                                       10

Kijk eens naar een filmpje (er staan er nog veel meer op Youtube)

 

 

Platte kip

Ons jaarlijkse bestuurs-etentje vond plaats in restaurant BelAmi in Bussum.

BRASSERIE BEL-AMI

Bel Ami is geïnspireerd op de Franse brasserie, maar met moderne invloeden. We hebben dus de gezellige, bijna klassieke sfeer behouden, gecombineerd met de smaak van nu. Ook in onze gerechten! Onze chef presenteert dan ook vol trots een menu vol heerlijkheden gemaakt van de beste verse ingrediënten. Dagvers zelfs, als u kiest voor ons wisselende Menu du Marché.

Ik bleek er de enige te zijn met een korte broek aan, maar dit had gelukkig geen gevolgen voor de wijze waarop we bediend werden.

Twee van ons namen het dagmenu, maar toen verteld werd wat hierin zat (carpaccio van biet met uiencrème) besloot ik avontuurlijk tot een gerecht van de kaart:

Boerderij kippetje
zonder bot met Franse frites, salade en appelcompôte
€ 20,50

Ik wist niet precies wat ik aan moest met de spatie tussen boerderij en kippetje. Heette de boerderij zo? (Je ziet wel eens op borden staan: Boerderij Landlust of Hoeve de Laatste Hoop).
Ik begreep al snel dat het hier om een bepaald soort kip van klein formaat ging, die van een boerderij kwam. Dat laatste leek me vrij logisch, ik had niet verwacht dat het er een uit een torenflat of rijtjeshuis zou zijn.

Men had mijn kip uitgestald op een plank. Vaak tref je naast het vlees nog wat rauwkost aan, maar dat ontbrak. Er was slechts een klein bakje appelmoes.

Bij het aanschouwen van de kip herinnerde ik mij een van de eerst moppen die ik hoorde en ook werkelijk snapte. Ik lachte als kind vaak om de grappen die anderen vertelden, maar had meestal niet door wat er grappig aan was. Maar ja, je wilde niet achterblijven.

Er ligt een dode kip aan de rand van de hoofdstraat in Barneveld. Het beest is overreden. De boer wordt erbij gehaald met de vraag of het hier wellicht een van zijn dieren betreft.
De man buigt zich over het kadaver, bestudeert het zorgvuldig en schudt dan ontkennend zijn hoofd: “Ik heb geen platte kipp’n”.

Op mijn plank lag een platgeslagen kipfilet bedekt met een dun vettig bruin laagje. Het laagje was niet krokant, er was dus geen sprake van een kipschnitzel.
Een eindje verderop werd een schaaltje friet neergezet en een kommetje met slabladeren. Het was de bedoeling dat ik samen zou doen met een dame die Tournedos had besteld.

Er waren een paar dingen niet helemaal naar mijn zin.

Ik houd er niet van als mijn eten op een plank ligt. Men heeft sinds de oertijd fijne porseleinen borden uitgevonden, de structuur hiervan staat toe dat ze goed afgewassen kunnen worden. In een plank zitten kieren waarin zich etensresten kunnen nestelen. Je eet zodoende nog even verder van de maaltijd waaraan je voorganger de vorige dag begonnen was.
Ik was even bang dat de wijn uit een koehoorn moest worden gedronken, maar gelukkig pasten glazen wel in de klassieke sfeer van de brasserie.

De aardige ober had niet goed duidelijk gemaakt dat de frites en salade bij mijn gerecht hoorden. De anderen hadden naast hun vlees twee Roseval aardappeltjes liggen, dus geen recht op frites.
Zij stortten zich er in hun onwetendheid meteen wel op, zodat er voor mij precies vier overbleven. Er werd een tweede schaal besteld, maar die onderging hetzelfde lot.
Ik zag geen mayonaise en ging ervan uit dat hiervoor geen plaats was in een Brasserie. Later bleek er een schaaltje naast de frites te hebben gestaan, maar aangezien mijn frites twee meter bij mij vandaan was neergezet had ik dat niet gezien.
Ik had de hoop al opgegeven dat ik de blaadjes sla, ver weg naast de lege fritesschaal nog binnen mijn bereik zou krijgen, dus appelmoes was voor die avond de enige groente die ik at.

De kip smaakte niet slecht, het velletje was een beetje vet, maar hiervan was gelukkig al heel wat van in de plank getrokken.

Al met al een interessante culinaire ervaring, voor de volledigheid moet ik nog wel even melden dat  voor- en nagerecht gelukkig wel erg lekker waren (uiensoep en Crème Brûlée).

 

BelAmi                              7     (prachtig glas-in-lood)

Boerderijkippetje           5

 

De BoerToer

Bij aankomst op Terschelling doe je er goed aan een exemplaar van de Sjouw te bemachtigen. In deze publicatie staat alles opgesomd wat voor een badgast (zeg nooit: toerist) van belang kan zijn.
Op de eerste dag van onze vakantiek stelde ik een lijstje met leuke dingen op en maakte plannen.

Dit jaar stond de Boertoer op het programma, een recreatieve fietstocht langs de landbouwbedrijven van Terschelling. Verheugd constateerde ik dat we ons op 12 augustus nog op het eiland zouden bevinden. Daar gingen we aan meedoen!

 

De gedenkwaardige dag brak aan, en bordjes wezen ons de weg. Op onze eerste boerderij vielen we met de neus in de boter (deze beeldspraak is wel heel erg toepasselijk!), want de boerin had glazen melk vers van de koe klaargezet.

 

Ik kreeg meteen een associatie met een uitstapje dat ik lang geleden met mijn zesde klas van de Bilderdijkschool in Amsterdam maakte. We gingen op bezoek bij de boer.
Ik vermoedde dat het voor de meeste van mijn leerlingen de eerste keer was dat ze op een boerderij waren.
Ook hier had de boerin voor ons als verrassing een blad met glazen verse melk klaar staan. De kinderen keken er uiterst gereserveerd naar. De boerin was ervan overtuigd dat ze maar weinig aansporing nodig zouden hebben om deze heerlijke traktatie tot zich te nemen. Als de meester het goede voorbeeld zou geven zouden zij ongetwijfeld snel volgen.
Ik moest hard slikken toen mij het glas voorgehouden werd. Ik houd niet van melk en al helemaal niet van volle melk. Ik moest bijna kotsen bij de gedachte een glas warme melk, vers van de koe waarin enkele haren dreven te moeten opdrinken.
Maar ik had hier een voorbeeldfunctie en goed onderwijs vereist offers. Ik zette het glas aan mijn lippen en dronk het zo snel mogelijk leeg. Ik zag kans mijn kokhalzen voor een gulle lach te laten doorgaan en moedigde mijn leerlingen aan mijn voorbeeld te volgen.
Toen de boer ons kwam halen voor een bezoekje aan de stinkende stal waren alle andere glazen onaangeroerd.

 

Dit keer hoefde ik gelukkig niet op het aanbod in te gaan. De boer drong erop aan dat we ons snel naar de stal moesten begeven, dan zouden we de geboorte van een kalfje kunnen aanschouwen.

We troffen een liggende koe aan waar aan de achterkant twee pootjes uitstaken waaraan een touw gebonden was. De boerin trok hier heel hard aan en enkele ogenblikken later floepte er een kalfje uit. De koe stommelde overeind en begon de boreling terstond te likken, geen acht slaand op het feit dat het beest geheel onder de gele poep zat. Wat is de natuur toch mooi.

 

Op een volgende boerderij waren vooral paarden. Mijn vriend Erik, die toevallig ook op Terschelling was en samen met ons aan de fietstocht deelnam, had gezien dat je hier ook een workshop paardenspiegelen voor volwassenen (gebaseerd op lichaamstaal) kon volgen.

Hij veinsde grote belangstelling en zag op een of andere manier pesterig kans de boerin zover te krijgen dat ze juist mij uitvoerig begon uit te leggen wat het inhield.

Ik weet niet hoe het kwam, maar ondanks het feit dat ik mijn gezicht volstrekt uitdrukkingsloos hield was het kennelijk toch duidelijk dat ik nogal sceptisch tegenover dit soort aangelegenheden sta. De boerin verhevigde haar pogingen mij te overtuigen van het nut om tegen een warme paardenkont te leunen en ik zocht wanhopig naar een ontsnappingsmogelijkheid.

Ik werd bevrijd door enkele kinderen die een pony wilden aaien en blies de aftocht met de belofte dat ik de komende woensdag wellicht aan een fluistersessie mee zou doen.

 

Op weg naar de volgende boerderij besefte ik ineens dat ik eigenlijk helemaal niet van boerderijen houd. Het stinkt er, er zijn gevaarlijke dieren en het is er altijd vies en rommelig. Ik ben een stadsjongen die qua agrarische ervaring met een bezoek aan de zuivelafdeling van de supermarkt ruimschoots aan zijn trekken komt.

 

We besloten de boertoer de toer te laten en lekker taart te gaan eten onder de molen van Formerum.

 

Nog een Glas in lood raampje

In de zomer van 2017 woonden we een workshop bij, waarin we ieder een glas-in-loodraampje maakten.
We leerden de techniek van het glas snijden, het in lood zetten van de verschillende stukjes en het solderen.

Ik was erg tevreden over het resultaat en nam me destijds voor er nog een te maken.

 

 

 

 

Dat is inmiddels gebeurd, onder deskundige begeleiding van Henny Terpstra maakten we elk een nieuw raampje.

            

In de eerste workshop werkten we volgens een ontwerp van Henny zelf, met eenvoudige vormen. In de vervolgbijeenkomst, die begin augustus 2018 plaatsvond, mochten we zelf ideeën inbrengen.

 

Ik wilde graag een nieuw logo voor mijn website en vroeg haar een ontwerp te maken met als voornaamste motief een letter M. Dat deed ze voortreffelijk, tot mijn genoegen leek het een beetje art deco.

Als je een ontwerp voor een glas in loodraam maakt moet je altijd rekening houden met de dikte van de loodstrippen waarin de glasplaatjes gevat worden. Als je dit vergeet kloppen je maten niet meer.

 

 

De speciale glas-in-loodschaar is een prachtig hulpmiddel: de schaar heeft een afstand tussen de bladen, waardoor bij het knippen een klein stukje “verdwijnt”. Die ruimte wordt later ingenomen door het lood.

 

Greet gaf ook aanwijzingen voor het ontwerp, het eindresultaat pakte prachtig uit.

Ik zocht mijn kleuren bij elkaar en begon aan mijn tweede raam.

Voor mij was de techniek om met kleinere stukjes en hoeken te werken nieuw.
In de praktijk lijkt het allemaal nogal simpel maar in de praktijk valt het niet mee alles mooi passend te krijgen.

Ik ben erg tevreden over het eindresultaat, het siert nu al de homepage van mijn site.

Volgend jaar weer een!

Verslag van de eerste workshop

Website van Henny Terpstra

Strandvondsten

Ik heb een fascinatie voor het vinden van dingen. Als jongetje liep ik altijd naar de grond te kijken om te zien of er niet iets interessants op straat lag en op de dag dat de vuilnis zou worden opgehaald was ik er als de kippen bij om te zien of er niet iets van mijn gading bij lag.

Nu ik groot ben manifesteert deze interesse zich op andere wijze. Ik schreef al eens over mijn korte romance met de metaaldetector en ik kijk regelmatig naar filmpjes over mudlarking.

De Thames stroomt jammer genoeg niet door Nederland, ik kan mij dus niet overgeven aan zoektochten langs de oever van deze getijderivier.

Toen ik las dat er een boek was uitgekomen met de titel Strandvondsten ging mijn hart sneller kloppen: strand is er in Nederland genoeg en wij zouden binnen afzienbare tijd afreizen naar Terschelling, waar heel veel strand is.  Iedereen weet dat jutten voor Terschellingers de tweede natuur is, ik zou me dit plaatselijke talent in no time eigen maken!

 

Ik kocht het boek,  bladerde het door en kwam erachter dat de bladzijden 28 tm 299 gingen over wieren, schelpen, zeepokken, wormen en aanverwante flora en fauna. Als uitgesproken stadsjongen sprak dit biologische gedeelte mij niet bijzonder aan. Ik herinnerde me van eerder strandbezoek dat er vaak zwart of groen draderig spul lag. Voor het gemak noemde ik dit allemaal zeewier. Ik had ook wel eens wurmen en scharrelende beestjes gezien, maar had mij er nooit toe kunnen brengen deze van dichtbij te bestuderen.

Ik realiseerde me langzamerhand dat ik niet echt had nagedacht over wat ik dan wel de moeite waard zou vinden. Gelukkig telde het boek nog 25 bladzijden over andere vondsten, jammer genoeg ging het hier voornamelijk over zwerfvuil.

Ik liet me hierdoor niet ontmoedigen en nam mij voor tijdens onze vakantie de kust van Terschelling aan een nauwkeurig onderzoek te onderwerpen. Mijn vrouw was door mijn enthousiasme aangestoken en stelde voor alvast een vitrine aan te schaffen, waarin we onze vondsten te kijk konden zetten. Wij zouden bescheiden blijven als wij door onze vrienden gecomplimenteerd zouden worden met onze prachtige collectie. Met in mijn achterhoofd de vage herinnering aan mijn detectorverleden (waarin ik ook meer aandacht besteed had aan het uitstallen van mijn prachtige toekomstige vondsten dan met het werkelijke verzamelen ervan) hield ik deze boot nog even af maar zette wel een stevige schoendoos in de caravan waarin ik mijn buit verzamelen zou.

Terschelling ligt aan twee zeeën: de Waddenzee aan de ene en de Noordzee aan de andere kant. Aan de Waddenzeezijde is een dijk en is de kust versterkt met zware basaltstenen waar de golven zachtjes tegenaan kabbelen.
De Noordzeekust heeft duinen en een ongelooflijk breed strand. Voor je bij de vloedlijn aankomt moet je eerst een kwartier door het mulle zand ploeteren.

Ik heb aan beide kanten van het eiland gestrandvonderderd en het resultaat viel niet echt mee.
Tussen de blokken van de dijk vond ik vooral vogelpoep en groene slijmerige slierten. Voor de vorm raapte ik wat schelpen op, maar deze waren bijna allemaal stuk.
Ik vestigde mijn hoop op het zandstrand aan de andere kant van het eiland, maar toen hier mijn zoektocht aanving ontdekte ik dat op een strand voornamelijk …. zand ligt. Heel veel zand.

Voor de vorm grabbelde ik nog wel het een en ander bij elkaar, om niet helemaal met lege handen thuis te komen, maar de aardigheid was eraf.

Er waren gelukkig nog heel veel andere leuke dingen te doen op Terschelling!

 

 

Dit was de oogst van mijn nijvere zoektocht.

Je zou kunnen zeggen dat een vierjarige in drie minuten eenzelfde resultaat zou kunnen hebben behaald, maar het ligt genuanceerder.

Weliswaar zijn de schelpjes niet echt uniek (er liggen er nog wel wat meer van op het strand), maar een expert heeft natuurlijk meteen door dat het prachtig rondgeslepen steentje hoogstwaarschijnlijk restant is van een tempel die in het door de zee verzwolgen Atlantis heeft gestaan.
Het intrigerende brok hout moet onderdeel geweest zijn van de scheepshuid van het goudschip de Lutine dat in 1799 verging tussen Vlieland en Terschelling.

De collectie is voor onbepaalde tijd opengesteld voor het publiek.

Toch maar weer Terschelling

We moesten dit jaar een lastige keus maken: boeken we een reis bij Terror Airlines waarbij we het genoegen kunnen smaken heel lang zwetend in een rij te staan om dan vervolgens opeengepakt in een aluminium buis naar een ver land gebracht te worden om daar gestoken door enge beesten op bed te liggen terwijl je inmiddels het verschil niet meer weet tussen diarree en kotsen of gaan we weer naar Terschelling?

Het blijft altijd spannend of je de boot zal halen, maar als je de auto + caravan aan boord hebt weten te manoeuvreren en je plaats neemt in de salon weet je dat de vakantie echt begonnen is.

Op het eiland genieten we van fietsen door de duinen (mooier vertier is er niet, vooral als het heel warm is) en werken we ons lijstje af van dingen die we gedaan willen hebben.

Nogal wat onderdelen van het lijstje behelzen het tot ons nemen van lekkere dingen, maar dat mag als je heel veel fietst.

Bezoekje aan de Friteria (lekkerste patat van Nederland):               √

Visje eten in de haven:                                                                              √

Minstens een bezoek aan elk strandpaviljoen:                                    √

Bloemen plukken in de zelfpluktuin:                                                    √
(Greet maakte een mooie aquarel van ons boeket).

(De lijst is nog veel langer, hij wordt aangevuld met speciale evenementen van dit jaar, zoals een theatervoorstelling in het kerkje van Hoorn).

Daarnaast dompelen we ons onder in het campingleven, waaraan onderstaande observaties zijn ontleend.

Φ Enkele tenten verderop is een beroepsmoeder neergestreken.  Ze is voortdurend in de weer met haar drie kleine kinderen en is onverminderd enthousiast. Ze prijst de kinderen voortdurend, is vertederd als ze andere tenten binnenlopen en grijpt niet in als ze aanhoudend gillen.
Het lijkt erop dat veel van de opmerkingen die ogenschijnlijk bedoeld zijn voor haar kroost, eigenlijk gericht zijn aan de omstanders. Heel vaak zijn het retorische vragen (“hebben we dan in onze luier gepoept?”) of verkapte pogingen omstanders het bijzondere talent te laten inzien waarmee haar kindjes gezegend zijn. (“Wat knap dat jullie dat helemaal zelf gemaakt hebben!” als ze anderhalve paardenbloem en twee sprietjes gras als boeket presenteren).

Φ Af en toe ga ik per ongeluk naar het toiletgebouw als het daar spitsuur is. Ik raak verzeild in de topdrukte die na het avondeten heerst als alle kindertjes onder de douche moeten en daar allemaal luidkeels tegen protesteren. Menig ouder lijkt geen enkel overwicht te hebben op hun kind en werkt het ritueel met opeengeklemde kaken af, denkend aan de fles wijn die lonkt als hun voortbrengselen eindelijk zullen slapen.

Φ Het dak van de doucheruimte staan de antennes van de Wifi. Tieners scholen er samen en zijn druk in de weer met hun telefoons in de overtuiging dat de ontvangst daar beter is.
Aan de rand van het veld staat nog een mast met enkele antennes. Onze buren staan er precies onder en vertellen dat ze geen oog dicht doen vanwege de straling. Na twee nachten ze verhuizen ze met hun hele bedoening naar een andere plek.
Wij doen voor het slapengaan ons aluhoedje op en hebben dus geen last.

Φ De buren hebben bezoek gekregen van een bekende. Nadat de gast begonnen is met praten houdt ze niet meer op. Wij kunnen alles woordelijk volgen. Het lijkt erop dat de spreekster geen onderscheid kan maken tussen hoofd- en bijzaken, of tussen wat mogelijk interessant is en wat niet. Alles komt uitgebreid aan bod en de buren geven hun pogingen zelf ook eens wat te berde te brengen na verloop van tijd op.

Φ Het blijft altijd lastig: groet je de mensen, of niet? Ik probeer mij te verplaatsen in de positie van het echtpaar dat met hun tent vlakbij de toiletten staat: zou ik willen dat alle mensen die van plan zijn hun behoeften te doen en langs mijn tent komen mij gedag zeggen? Soms vier keer per dag?
Als iemand oogcontact weigert is het duidelijk: we kunnen elkaar zwijgend passeren. Maar als een mede-campinggast je verwachtingsvol aankijkt is het duidelijk dat je goedemorgen moet zeggen.

Φ Een nieuw fenomeen: er zoeven mensen pijlsnel over het grasveld. Ze zitten op een e-bike die echt heel hard gaat. Er moet niet net een kleintje op hun pad zijn gekropen.

Φ We krijgen regelmatig bezoek van een zwerm mussen. Ze vinden minuscule stukjes voedsel in het gras, af en toe gooi ik wat broodkruimels voor ze neer.
Er zijn ook jonkies bij. Aan hun formaat kun je dat niet zien, ze zijn net zo groot als hun ouders, maar hun gedrag verraadt dat ze nog niet zo lang geleden uit het nest zijn gekomen. Ze vliegen net zo vaardig als de volwassen mussen en kwetteren er net zo lustig op los, maar af en toe laten ze hun vleugeltjes heel pathetisch bibberen en doen net of ze zwaar behoeftig zijn. Hun ouders hebben een wat mottig en mager voorkomen en zijn er waarschijnlijk slechter aan toe dan zij, maar soms trappen ze erin en stoppen gewoontegetrouw wat eten in hun opengesperde bekje.

Φ Als ik ’s avonds laat nog even een plas moet loop ik over de doodstille camping en zie boven me de prachtige heldere sterrenhemel. Ik weet alleen de Grote Beer te vinden maar ben diep onder de indruk. De lucht is kraakhelder en met onvermoeibare regelmaat strijkt het licht van de Brandaris over het eiland.

Wat is vakantie toch mooi.