Ups-and-downs

Ik heb altijd al veel interesse gehad in dat fantastische, grote, krankzinnige land aan de andere kant van de oceaan: de Verenigde Staten van Amerika.

Ik heb talloze Amerikaanse boeken gelezen en films gezien, ik ben gefascineerd door de geschiedenis en inmiddels geobsedeerd met de politiek.

Er gaat geen dag voorbij of ik word weer geconfronteerd met een idiote actie van de president, of met de volledige verloedering van democratie en rechtsstaat.

Ik kan nog enig begrip opbrengen voor de republikeinse politici die Trump door dik en dun steunen, als ze dat niet doen zijn ze hun baan kwijt. Maar het blijft me verbazen dat er talloze Trump-aanhangers zijn die alle kritiek wegwuiven en hem vaak volkomen tegen hun eigen belang in onvoorwaardelijk steunen.

Veel downs dus: de leugens en vuilspuiterij in de campagne, en de akelige rol die de sociale media spelen in de meningsvormen. Plus het gruwelijke vooruitzicht dat we nog vier jaar opgescheept zitten met een incompetente volslagen narcist.

Maar ook ups: ik zag de documentaire over (onder andere) Alexandria Ocasio-Cortez. Ze is onlangs verkozen in het Huis van Afgevaardigden en moest het niet alleen opnemen tegen haar Republikeinse tegenstrevers in de Bronx, maar ook tegen het establishment van haar eigen partij. Dat had er zonder meer op gerekend dat hun geroutineerde kandidaat weer zou winnen, terwijl die niet eens in New York woont!  Cortez vroeg zich terecht af hoe je dan je kiezers goed kan vertegenwoordigen.

Zij zelf is geboren en getogen in de Bronx en werkte er als serveerster. Haar ouders hebben een Puerto-Ricaanse achtergrond.

Wat een geweldige vrouw! Amerika moet haar tot president kiezen, maar ze kan dat pas worden als ze 35 jaar is, ze is pas 30.

Haar standpunten zijn stuk voor stuk gericht op het verbeteren van de omstandigheden van de arme Amerikanen, ze wil onder andere een belastingpercentage van 70 voor mensen die meer dan 10 miljoen hebben.

Ze oogt jong, enthousiast en oprecht en kan geweldig debatteren. Ik zou het wel weten als ik in Amerika woonde.

AOC komt ook voor in de documentaire Fahrenheit 11/9 van Michael Moore. Ik kende hem van Fahrenheit 9/11 (over de aanslag op de Twin Towers), Bowling for Columbine en Where to Invade Next.

11/9 is de dag dat Trump officieel verkozen werd, in 2016. Moore stelt de terechte vraag: What the fuck happened? maar toont begrip voor de miljoenen mensen die op hem gestemd hebben. Hij legt genadeloos bloot dat het Amerikaanse politieke systeem hopeloos aan de grond is gelopen, steeds minder mensen hebben er vertrouwen in. Bij de laatste verkiezingen stemden 62 miljoen mensen op Trump, 65 miljoen op Clinton en 100 miljoen helemaal niet.

In de nieuwe race voor de verkiezingen van 2020 is Amerika meer gepolariseerd dan ooit. Jammer genoeg zijn de Democraten verdeeld en konden ze alleen maar met een kandidaat komen die al 50 jaar binnen hetzelfde vastgeroest systeem functioneert. Daar zal weinig vernieuwends uitkomen…

In de documentaire is gelukkig ook veel aandacht voor het enthousiasme van mensen die het niet met the Donald eens zijn: zo worden we weer herinnerd aan de fantastische massale acties van leerlingen en studenten.

Halverwege de documentaire bekroop me een akelig gevoel: was Moore nou bezig de zaak te manipuleren? De indruk werd gewekt dat Trump het tijdens zijn rally’s in het bijzonder gemunt had op zwarte aanwezigen. Het leek alsof hij ze beschimpte en de aanwezigen aanspoorde hen de deur uit te werken. Maar Trump zou nooit zo stom zijn om op deze manier zwarte kiezers van hem te vervreemden.

Ik kende de beelden, maar wist bijna zeker dat het doelwit van Trump tegenstanders waren, die binnen hadden weten te komen en protesteerden.

Waarom deed Moore dit nu? Hij bediende zich van valse trucs die je vooral vanuit Republikeinse hoek verwacht. Hij kan toch uit een overvloed aan feitelijk, ongemanipuleerd materiaal putten om zijn punt te maken?

 

Het werd nog erger. Moore liet zien hoe president Obama enkele jaren geleden een bezoek bracht aan Flint, de armste stad van Amerika die zwaar geleden heeft onder de crisis. De gouverneur had geregeld dat het drinkwater van de inwoners niet langer uit het relatief schone Lake Huron kwam, maar uit de plaatselijke rivier die sterk vervuild was. Alle kinderen hadden een veel te hoog percentage lood in hun bloed.

Tot mijn grote teleurstelling werd getoond dat Obama kennelijk de kant koos van de gouverneur en de inwoners zelfs vernederde door nadrukkelijk om een glas water te vragen en daarvan te drinken. Het leek erop dat zijn boodschap was dat de klachten niets voorstelden.

Mijn idool was van zijn voetstuk gevallen. Ik had dit nooit verwacht van Obama.

Nu bevind ik mij in de gelukkige omstandigheid dat ik in een huis woon met iemand die over de juiste reflexen beschikt. Greet ging fact-checken en kwam er al gauw achter dat Moore een compleet verkeerd beeld had geschetst: Obama had de mensen op hun gemak willen stellen door erop aan te dringen dat iedereen zijn drinkwater moest filteren. Als je dat deed was het water veilig en hij liet dat zien.

Moore had het verhaal gemanipuleerd en liet een vrouw out of context zeggen dat ze heel erg teleurgesteld was in Obama, maar verzuimde beelden te tonen van de duizenden enthousiaste bewoners die Obama uitgeleide deden.

Obama is dus weer terug op zijn voetstuk, maar Michael Moore heeft voor mij afgedaan.

In een tijd als deze, waar ontzettend gelogen wordt, waar voortdurend vals of onjuist nieuws te zien en te horen is zouden integere filmmakers er op moeten letten dat zij zich beslist niet schuldig maken aan leugens of manipulatie.

 

In de tussentijd maak ik mij grote zorgen over de toekomst van Amerika, ook wanneer Trump niet gekozen wordt. Want dan dreigt er groot gevaar.

Maar dat is een ander verhaal.

 

De Connellyzomer

Af en toe stuit je op een schrijver die je bevalt. Je bent dan blij als blijkt dat er nog veel meer boeken van hem te koop zijn.

Ik las een boek van Michael Connelly (vier sterren in VN’s detective- en thrillergids) en was meteen verkocht.
Uit een overzicht van zijn werk bleek dat hij sinds 1992 33 boeken heeft geschreven.

Ik schafte het eerste aan (The Black Echo), want iedereen weet dat je altijd bij het begin moet beginnen en heb er inmiddels 29.

Heel bijzonder: mijn echtgenote is net zo enthousiast als ik, we lezen ze dus allebei en hebben derhalve altijd iets om over te praten.

De boeken spelen zich allemaal af in Los Angeles, een stad waar ik nog nooit geweest ben, maar wel heel veel van heb gezien, omdat Hollywood er deel van uit maakt.

Hoofdpersoon van de meeste boeken is Harry Bosch (eigenlijk Hiëronymus), een eigenwijze detective van LAPD (Los Angels Police Department). Hij ligt voortdurend overhoop met het establishment binnen de politieorganisatie, waar allerlei politieke spelletjes worden gespeeld en corruptie veelvuldig voorkomt.

Maar omdat hij een briljante speurneus is kan hij steeds op het nippertje zijn positie handhaven.

Tussen het oplossen van allerlei misdrijven beleeft hij ook nog menig romance. Heerlijk.

Een aantal romans heeft een andere hoofdpersoon: Micky Haller (advocaat die adverteert op de achterkant van de Yellow pages en Jack McEvoy (misdaadverslaggever).

Haller heeft een mobiel kantoor: een grote oude Lincoln.

Vaak spelen alle drie hoofdpersonen een rol in de boeken.

 

Het overbelaste Amerikaanse rechtssysteem wordt genadeloos blootgelegd: de politie kan het aantal zaken niet aan en gaat vaak slordig te werk of lost misdrijven niet op. De rechtbanken leveren lopende-band werk en plea-bargains (waarbij er een akkoord bereikt wordt vóór de zaak bij de rechter komt) zijn aan de orde van de dag.

De gevangenissen puilen uit (Amerika kent het hoogste gemiddelde aantal mensen achter tralies), zwarten zijn oververtegenwoordigd.

Wie geen dure advocaat kan betalen wordt vaak slachtoffer van het systeem.

Rechtszaken gaan allang niet meer over schuldig of onschuldig, maar over de vraag of de aanklager zijn zaak goed voor elkaar heeft (anders schiet de verdediging er gaten in en wordt de verdachte vrijgesproken hoewel hij vaak schuldig is) en of dure advocaten hun manipulatieve gang kunnen gaan.

Het wonderlijke systeem van bail (zelfs verdachten van moord kunnen hun vonnis thuis afwachten als ze maar voldoende geld hebben) en het fenomeen juryrechtspraak (met een compleet eigen dynamiek) doet ons Europeanen met de oren klapperen.

Bijzonder onsmakelijk is de gewoonte om slachtoffers zwart te maken, of ongeloofwaardig. In Amerika is alles toegestaan, het gaat alleen maar om winnen.

De boeken lezen heerlijk weg: de plots zijn soms wat ingewikkeld of vergezocht, maar je raakt gehecht aan de hoofdpersonen en blijft nieuwsgierig hoe het verder gaat.
De auteur schrijft beeldend en werkt de karakters goed uit. Harry Bosch is niet 100% een good guy…..

 

Wat moeten we straks, als het laatste boek uit is?

 

De boeken van Michael Connelly:                8½