Havenkomtoernooi

We deden mee aan het Havenkomtoernooi, inmiddels voor de vierde of vijfde keer.
Je speelt in 7 restaurants die rondom de haven van Almere zijn gevestigd iedere keer 4 spellen tegen wisselende tegenstanders. Zij komen uit Almere en omstreken, het niveau is wisselend.
Na de derde ronde krijg je een lekkere lunch aangeboden in de eetgelegenheid waar je het laatst gespeeld hebt. Als dat in Krab aan de Haven was krijg je waarschijnlijk zeebeestjes, als je de derde ronde op de pannenkoekboot gespeeld hebt eet je pannenkoeken.
Wij kregen een heerlijk Chinees buffet bij Treasure.

Dit was inmiddels de dertiende editie van dit speltakel, er deden 100 paren mee.
Het deed me plezier ook een aantal van mijn cursisten onder de deelnemers te ontwaren.

Het was een stralende septemberdag, er was tussen het spelen door gelukkig genoeg gelegenheid even van de zon te genieten.

havenkomt

 

We werden achtste, met 62,82%. Geen gekke prestatie! De prijs bestond zoals gewoonlijk uit twee flessen wijn. Nooit eens een lekkere fles bier…

 

Voor de statistiek:

  Aantal
Slechte score waar we niets aan konden doen 1
Fouten 4
Cadeautjes van de tegenpartij 8
Mazzel 4
Mooi gespeeld 3
   

spel-19-1

Spel 19 was een noodspel, 22 paren gingen down, 6 boden de manche niet uit (met 26 punten).

5 Klaver is eigenlijk het enige contract dat je “op eigen kracht” kan maken (zonder hulp van de tegenstanders), en dan moet je het nog heel goed aanpakken (het werd maar twee keer geboden….).

Het is een spel met grote communicatieproblemen. De zeskaart klaver is een mooie bron van slagen, maar volkomen onbereikbaar als de tegenstander niet zo vriendelijk is klaver te spelen nadat je de aas gedeblokkeerd hebt. Gelukkig voor de SA-bieders was dit 22 keer het geval….

Er is een mooie coup die werkt als de tegenstander een beetje zit te slapen (of zich niet in kan houden): na (bijvoorbeeld) een hartenstart deblokkeer je klaveraas en speel je vanuit Oost schoppenvrouw voor. Noord is misschien heel blij dat hij nu zijn heer kan maken (hij dacht dat die eruit gesneden zou worden), maar hij moet de slag weigeren….
Als hij de slag neemt heeft hij een entree gecreëerd naar de lange klaveren (schoppenboer) en hiermee het probleem voor de leider opgelost.

Ik leer mijn cursisten dat we niet op aarde zijn om het de leider gemakkelijk te maken.

Wij hadden aardige tegenstanders en maakten 3 SA + 2 (goed voor 88%. Telt mee in het rijtje cadeautje van de tegenstander).

Volgend jaar weer!

 

Havenkomtoernooi:    8

De Hervormde Pedagogische Kweekschool/Akademie

Een vriendin maakte me opmerkzaam op een site die gewijd is aan de geschiedenis van de Hervormde Kweekschool in Amsterdam.

Deze school stond aan de Plantage Middenlaan, mijn vader heeft er gewerkt als leraar en directeur. Mijn zus en ik hebben er gestudeerd, toen ik erop zat heette de school inmiddels de Hervormde Pedagogische Akademie.

Het is een mooie ervaring alle chronologisch gerangschikte informatie op deze manier tot je te kunnen nemen.

de-grond-waarop-3Ik wist al veel van de geschiedenis, omdat ik ook het boek De grond waarop we stonden (van oud-leraar W. Van der Horst) heb gelezen.

 

 

Het meest memorabele stukje geschiedenis:

Tijdens de bezetting werden joodse kinderen via de tuin van de kweekschool weggehaald uit het kinderdagverblijf dat zich recht tegenover de Hollandse Schouwburg bevond. De Hollandse Schouwburg was het verzamelpunt van de joden uit Amsterdam die werden gedeporteerd naar kamp Westerbork. De jonge kinderen en baby’s werden van hun ouders gescheiden in de crèche ondergebracht.

De kinderen werden de school uit gesmokkeld op momenten dat een tram stilstond, daarna liet men ze onderduiken.

de-grond-waarop-2-3Mijn vader is tien jaar directeur geweest, juist in die periode speelde zich het democratiseringsproces af: waarin leerlingen werden voortaan studenten genoemd. Ze eisten (en kregen) veel meer zeggenschap .

Op de foto mijn vader in zijn werkkamer. Let op het portret van Kennedy rechts en het klassiek-Griekse reliëf achter hem. Dat hangt nu bij mij in de woonkamer.

de-grond-waarop-2-4Mijn vader wordt vele malen genoemd. Het is een wonderlijke gewaarwording steeds je eigen naam tegen te komen.
Over het algemeen is men lovend over hem. Hij was voor zijn tijd behoorlijk progressief . (Als je heel goed kijkt zie je dat mijn  vader’s naam door leerlingen onder die van de school gezet is).

Een volslagen verrassing was een terloopse opmerking (in een krantenartikel dat verscheen bij zijn afscheid) dat hij onderduiker zou zijn geweest.
Ik kende mijn vaders wapenfeiten: zijn belangrijkste verzetsdaad tijdens de bezetting bestond eruit dat hij zijn hand weleens voor zijn gezicht bracht, met een vinger links en een andere rechts van zijn neus, op deze manier dus het V-teken makend.
Ik heb nooit iets gehoord van onderduiken, dus ik vermoed dat hier van een misverstand sprake is.

Mijn vader heeft jammer genoeg niet mogen meemaken dat ik in zijn voetsporen ben getreden: uiteindelijk werd ik ook directeur van een school.
de-grond-waarop-2-1Als kind moet ik wel het een en ander meegekregen hebben van de spanningen waaraan mijn vader destijds blootstond: een autoritair bestuur, lastige leraren en een hoge werkdruk met veel verantwoordelijkheid. (De foto is van 1961. Ik ben het tweede jongetje van links).

Mijn vader is overspannen geweest en heeft in de laatste fase van zijn loopbaan bewust een stapje terug gedaan: de laatste jaren was hij weer leraar.

Toen ik klein was ging het meeste aan mij voorbij. Ik begreep veel beter hoe hij zich gevoeld moet hebben toen ik zelf directeur was. Ik denk dat mijn vader nooit erg stressbestendig is geweest en dat ben ik ook niet….

Mijn grote zus heeft mijn vader nog meegemaakt in zijn rol als directeur (ik geloof dat ze er nooit uitgestuurd is, in dat geval had ze zich bij hem moeten melden). Toen ik op de HPA kwam was hij leraar pedagogiek, ik zat bij hem in de klas. Hij gaf goed les, gelukkig was er bij mijn eindexamen een onafhankelijke gecommitteerde aanwezig, die het eens was met het goede cijfer dat hij me gaf.

 

de-grond-waarop-2-7Ik heb goede herinneringen aan de Pedagogische Akademie, ik heb er met plezier gestudeerd en veel geleerd. Ik heb ook een bescheiden rol gespeeld in de Akademieraad, als lid en als secretaris. Op de foto zit ik naast de voorzitter, Piet Mantel.

Ik ben nog één keer terug geweest in het schoolgebouw aan de Plantage Middenlaan, bij een reünie.
Het is nu geen school meer, het is nu het Nationaal Holocaust Museum. Binnenkort ga ik er naartoe.

Site van het Nationaal Holocaust museum

Site HKS en HPA 

 

Gedrag aan de bridgetafel

Als je een hele avond bridge speelt, tegen wisselende tegenstanders, valt er heel wat te observeren.

Als er na een ronde van een halfuur gewisseld moet worden is er even sprake van een chaos: spelers zijn op zoek naar de tafel waaraan ze de volgende ronde moeten plaatsnemen en wringen zich langs elkaar heen. Ze wuiven met hun loopbriefje naar hun partner om hem op die manier op de juiste plek te krijgen. Vaak zal de een de ander vragen: “Noord-Zuid of Oost-West?”

Als de avond niet zo heel druk bezocht is verloopt dit proces meestal probleemloos. Op de een of ander manier vindt ieder paar zes keer de goede tafel, een aantal gelukkigen hoeft helemaal niet te zoeken omdat ze de hele avond aan een tafel blijven zitten.

Niet zelden wachten ongeduldige spelers niet het teken van de wedstrijdleider af dat er gewisseld mag worden en verlaten voortijdig hun tafel.
Wee degene die, als het signaal om te wisselen al gegeven is, nog in het lawaai een lastig spel moet afspelen, terwijl zijn medeleden ongeduldig staan te wachten tot men voor hen plaats maakt.

Als iedereen dan zijn plekje aan de nieuwe tafel gevonden heeft stelt men zich indien nodig aan elkaar voor. Meestal wens je de anderen een prettig spel. Dan grijpt iedereen begerig zijn kaarten uit het board en begint die te sorteren. Na de drukte van het wisselen daalt er ineens een stilte neer. Het bieden begint, een voor een leggen de spelers de kaartjes voor zich neer.

dsc_0037Ik stel me voor dat er eens een film gemaakt zou worden waarin alleen de handen van de bridgers getoond worden. Je ziet de manier waarop ze de biedkaartjes neerleggen en later de speelkaarten.
Ik denk dat ik de meeste clubleden dan zou kunnen identificeren aan de hand van hun motoriek.  De een legt zijn kaarten heel zorgvuldig netjes neer, de ander smijt ermee.

dsc_0038Zo is er een speelster die nooit gewoon een kaart speelt, maar deze altijd eerst verticaal op de tafel plaatst, om hem daarna te laten omvallen. Dit brengt een zekere ergerniswekkende onnodige vertraging met zich mee. Een andere speler schikt als hij dummy is zijn kaarten zodanig dat zijn partner, die niet zo goed kan zien, ze goed kan onderscheiden. Ik vind dat heel sympathiek en zorgzaam.

Soms is er sprake van ruwe kaartbehandeling: spelers smijten ermee of proppen ze wild terug in het board (als ze vinden dat hun partner er weer niks van gebakken heeft). Ik ben er een keer getuige van geweest dat een speler aan de kaarten sabbelde. Het kan zijn dat hij hiertoe aangezet werd door de lichte bitterballengeur die soms van de speelkaarten opstijgt (ze zijn dan echt aan vervanging toe), maar het is onvergeeflijk. Royement is op zijn plaats.

dsc_0030Bridgen is een sociale sport, vaak worden er interessante gesprekjes gevoerd tussen het spelen door en erna, maar er zijn ook bridgers die een uitgebreide technische dialoog met elkaar voeren, het feit negerend dat er nog twee spelers aan tafel zitten. Dat is niet beleefd. Soms kan ik het niet laten in zo’n geval zelf luid een gesprek met mijn partner te beginnen, dwars door dat van onze tegenstanders heen. Meestal heeft dat wel effect.

Het is natuurlijk ook mogelijk dat spelers volstrekt geen behoefte lijken te hebben aan een praatje. Ze vouwen dan na afloop van het laatste spel de armen en kijken stuurs voor zich uit. Dit gebeurt vooral in Friesland. De minuten die dan nog resten tot de wedstrijdleider het verlossende woord spreekt duren dan heel lang.

dsc_0041Gelukkig verloopt de gemiddelde speelavond heel gemoedelijk: men is aardig voor elkaar en niet al te fanatiek. Als er een probleem is wordt de arbiter erbij gehaald, die meestal een wijs oordeel velt.

Nieuwe spelers hebben vaak grote moeite met de overgang van de bridgecursus naar de club. “Er wordt met het mes op tafel gespeeld” is een gevleugelde uitdrukking, ze voelen zich geïntimideerd door de ervaren spelers en zijn bang fouten te maken.
Er zijn inderdaad af en toe clubtijgers die zich volstrekt niet meer kunnen herinneren dat zij zelf ook ooit als beginner aan de tafel plaatsnamen. Ze gedragen zich soms tactloos en vervelend. In het vervelendste geval haken nieuwe spelers hierdoor af. Een goed clubbestuur houdt dit gedrag in de gaten en neemt tijdig maatregelen om te voorkomen dat nieuwe spelers worden afgeschrikt.

Als de uitslag wordt voorgelezen (goed gebruik is pas de percentages te noemen wanneer die hoger zijn dan 50) is er een waarderend applausje te horen als een paar onverwacht hoog is geëindigd en ook voor de winnaars wordt geklapt. Kort, want het drankje lonkt. We hebben het verdiend.

Een wat minder mild oordeel

Ik sneed het onderwerp van (wan)gedrag eens aan in het bijzijn van een clubgenote, Mirjam Krieg. Zij vertelde dat ze hier ook uitgesproken opvattingen over had en dat ze haar observaties weleens had opgeschreven, een van die stukjes is ooit gepubliceerd in het bridgeblad.

Ik citeer uit haar werk:

Veel voorkomende bij mij ergerniswekkende opmerkingen en gezegdes:
– “Ik kreeg zo’n mooie uitkomst” (erg leuk om iemand zijn stomme uitkomst nog eens onder zijn neus te wrijven).
– “Dat is een dooie” (denk je dat je goed gespeeld hebt en krijg je dat te horen).
– Maar de mooiste is nog, als de dummy op tafel gaat het commentaar van de partner: “Oh, die had ik allemaal niet”.

Ik zou daaraan nog willen toevoegen:

  • “Geef de tien een kans” (terwijl je bijna zeker weet dat de tegenstander hier overheen zal gaan).
  • “Veertig roem” (als in een slag enkele plaatjes over elkaar heen vallen). Als je dit grappig vindt moet je op een klaverjasclub gaan spelen.

Ik ben niet de enige die observeert! Mirjam schrijft verder:

Bij sommige bridgespelers zie je het al als ze aan komen lopen met zo’n superieur bridgehoofd, bij de gratie gods stellen ze zich nog voor, smijten hun systeemkaart op tafel en vragen naar jouw kaart alsof je na een aanrijding je rijbewijs moet laten zien. Enige conversatie is ook niet mogelijk, je bent gewoon lucht, je moet je strikt aan de regels houden anders roepen ze arbitrage. Men vergeet weleens dat je dit spel met 4 mensen speelt en een beetje vriendelijkheid kost geen geld.

dsc_0042

Wat zou bridgen toch een fantastisch spel kunnen zijn ware het niet dat het zo ongelooflijk veel irritaties opwekt. Alle minder goede eigenschappen in de mens komen bij dit spel naar boven.
Vooral de wat betere bridgers, niet de topspelers, denken dat ze zich alles kunnen permitteren. De meest voorkomende eigenschappen zijn: arrogantie, machtswellust, luidruchtigheid, ziekelijke bemoeizucht, altijd ongevraagd advies geven, het volkomen negeren van de tegenpartij, onnodig overdreven tentoonspreiden van kennis, hoor eens wat ik allemaal weet, te veel om op te noemen. Goede bridgers, of zij die denken dat ze goed zijn, praten ook nooit met zwakkere spelers, die zijn in hun ogen minder waard. Ze hokken altijd onder elkaar en de een heeft nog sterkere verhalen over een spel dan de ander.

Soms is het ook wel zeer lachwekkend, de onemanshow die sommigen opvoeren. De betere bridger herken je al als hij komt aanlopen. Zelfverzekerd, autoritair, wedstrijdboekje, overvolle systeemkaart waar niets van te begrijpen is, meestal zeggen ze niet eens goedendag, gaan zitten en vragen op bestraffende toon naar je systeemkaart.
Als het spel naar hun mening iets te denken geeft, moet dat ook overdreven gedemonstreerd worden. Eerst worden de kaarten gesorteerd. Dan worden ze met kennersblik bekeken, worden weer in elkaar geschoven en op de tafel gelegd.
Dan wordt de stoel achteruitgeschoven en wordt het ene been naast de tafel over het andere gegooid.
Vervolgens worden de kaarten weer opgepakt, uit elkaar geschoven en er wordt weer langdurig naar gekeken. Na een tijdje wordt dan toch diezelfde kaart gepakt, maar voordat hij met de beeldzijde op tafel komt blijft hij nog enige seconden rechtop staan en wordt dan tergend langzaam op tafel gelegd. Einde van de show. Als deze mensen zich eens wat meer bewust zouden zijn van hun gedrag dan zouden ze weten dat hun optreden uitermate lachwekkend is.

dsc_0040

Binnenkort is het Denken en Doen-project afgelopen. De deelnemers moeten de overstap maken naar de club. Maak je borst maar nat!

Plastic

In de Volkskrant van zaterdag 10 september stond een artikel over een evenement dat binnenkort gaat plaatsvinden: programmamaker Bahram Sadeghi verzamelde gedurende een periode van 1000 dagen al het wegwerpplastic dat op zijn weg kwam en stalt dat nu uit.

Het is een indrukwekkende berg geworden, je staat er niet zo vaak bij stil hoeveel plastic mensen weggooien.

Hij maakte foto’s van al het plastic dat hij onderweg verbruikte en niet mee naar huis kon nemen. Deze foto’s nemen een hele wand in beslag van een oude fabriekshal in Amsterdam.img_1412

Binnenkort kunnen bezoekers de plasticberg bezoeken, de verpakkingen zijn allemaal zorgvuldig uitgestald op de vloer van de hal.

 

Te midden van zijn collectie spreekt Sadeghi deskundigen, uitvinders, activisten en mensen uit het bedrijfsleven: waarom gebruiken ze zoveel plastic? Zijn er alternatieven? Is dit te verminderen?

Zaterdag 24 september verschijnt ook de plasticspecial bij de Volkskrant: Vonk, het achtergrond- en opiniekatern, staat geheel in het teken van dit thema. Wat heeft ons gebruik te maken met haast? Een interview met de weduwe van de uitvinder van de plastic zak. Hoe bestrijden ze plastic zakjes in Marokko? En: is de plasticsoep nu wel of niet uit de oceaan te vissen?

Donderdag 29 september is er een vrolijke interactieve avond over plastic in pakhuis de Zwijger. Daar gaan we natuurlijk naartoe.

img_1406Omdat mijn zoon betrokken is bij dit project mochten we helpen bij het sorteren en uitstallen van Bahram’s plastic.

Het was een heel bijzondere ervaring. In de eerste plaats realiseer je je hoeveel plastic er verbruikt wordt. Je kunt precies zien wat Bahram graag eet: druiven, drop, nootjes en Jaminsnoep img_1416(we zagen tientallen puntzakken uit die winkel).

Hij is kennelijk vegetariër, want er zat niet een vleesverpakking bij (dit was ook een verklaring voor het feit dat het afval geen nare lucht had).

Verder vraag je je natuurlijk meteen af hoe groot jouw berg zou zijn als je alles zo lang bewaard had. (Wij geven alles netjes gescheiden met de vuilnisman mee en hebben dus een schoon geweten).

img_1420Als je veel van iets hebt en je stalt dit netjes uit ontstaat er vanzelf een visueel aantrekkelijk schouwspel. Rommel wordt bijna mooi!

Het kostte ons (een groep vrienden en familie van de initiatiefnemers) een flink gedeelte van de dag alles uit te zoeken en uit te stallen. Het was goed bestede tijd!

img_1410Je hebt niet elke dag de kans van gedachten te wisselen met Volkskrant- journalisten en mensen die net als jij kwamen helpen.
Zo had ik een interessant gesprek met een van Bahram’s vrienden, die internetsites ontwerpt. Gelegenheid mijn visitekaartje weer eens te overhandigen!

 

Ik was natuurlijk heel trots dat mijn zoon deel uitmaakt van de organisatie (er hadden zich heel veel kandidaten aangemeld voor de vacature). Helemaal onderaan de site staat:

AAN DEZE PRODUCTIE WERKTEN MEE BAHRAM SADEGHI, RIZKY GERILYA, BEN MINNEMA, ROBIN BEKKER, GIDI HEESAKKERS, DANIEL COHEN, DIKLA ZEIDLER, KUSTAW BESSEMS, JORINDE TENTEN, THOMAS HOGELING, HAY KRANEN EN WENDY VAN DER WAUW. 

img_1425We sloten de dag af met een borrel bij café Roest, tegenover de van Gendthal. Het was er heel druk, tout Amsterdam (jong, goed verdienend) was te vinden op het terras van deze hippe tent.

 

 

img_1415Een puntje van kritiek: in de omschrijving van het project wordt steeds over plastic gesproken, het viel me op dat er ook veel voorwerpen uitgestald zijn die van ander materiaal gemaakt zijn. Je zou de kunststof in een oud fietszadel met enige goede wil nog wel als plastic kunnen bestempelen, maar de tientallen lege notenzakjes zijn gemaakt van aluminium. De deskundigen met wie Bahram in gesprek gaat zullen hier vast een punt van maken…

img_1423img_1414

img_1411

De tekst van het artikel staat hier.

 

Er staan vanaf 19 september filmpjes op de site.

 

Herstel

Ik heb ontdekt dat ik niet helemaal goed geïnformeerd was met betrekking tot het materiaal van chipszakken. Ze zijn toch wel degelijk van plastic en hebben een coating van aluminium. Dit is de reden waarom ze niet kunnen worden hergebruikt. Ze worden verbrand.

chipszak

Hoe kijk je tv?

Steeds minder mensen hebben een gewone kabelaansluiting waarmee ze televisie-uitzendingen ontvangen.
Steeds vaker worden programma’s via internet bekeken.

Het is nog niet eens zo heel lang geleden dat je ervoor moest zorgen op tijd thuis te zijn als je favoriete programma of serie werd uitgezonden. De videorecorder bracht uitkomst, maar het was altijd een heel gedoe die in te stellen (en je moest het niet vergeten). Als je de opname dan wilde kijken moest je vaak nog heel wat heen- en weerspoelen voor je het begin had gevonden en niet zelden was je recorder afgeslagen voordat het programma was afgelopen. Einde gemist.

Ik heb nog wél een kabelaansluiting en weinig behoefte via internet te kijken. Uitzending Gemist biedt een geweldige service (BBC-programma’s en Discovery neem ik op met het recorderprogramma) en het is helemaal niet erg als ik te laat inschakel voor het nieuws, zolang het nog bezig is kan ik bij het begin starten.

Als het acht uur was werd er vroeger altijd het mes gezet in alle bezigheden. Ook al zat je midden in een geanimeerd gesprek, de tv moest aan want het journaal begon (de berichten, zoals mijn Friese vader het noemde).

dsc_0036In een van mijn kleine opschrijfboekjes houd ik bij wat ik nog wil zien en wat ik opgenomen heb.

De keren dat ik toch via internet trachtte te kijken liepen op een drama uit: mijn tv is nog niet zo smart dat je er vlot op kunt surfen (ik word helemaal gek van het navigeren met behulp van mijn afstandsbediening).

 

 

dsc_0033Op mijn vaste computer kijken kan wel, maar ik kijk liever vanaf de bank naar mijn grote scherm.

(O, wat mooi vergeleken met die grote kasten van vroeger).

 

De gewone televisieprogramma’s zijn inmiddels ook al voor een groot deel achterhaald door vloggers en internetprogramma’s. Series en films kijkt men steeds vaker via HBO en Netflix.

(Ik koop nu nog heel ouderwets dvd’s.  Ik denk dat het niet lang meer zal duren voor ik ook overstap op een betaalzender. Tot nu toe vind ik het aanbod te mager).

Hoe kijk je tv?

Je kunt de vraag ook anders beantwoorden: voor mij geldt dat ik ervan houd geconcentreerd en in stilte te kijken. Ik kan niet goed gedijen in een omgeving waar voortdurend gepraat wordt tijdens het kijken.

Sommige mensen zetten de tv bij het opstaan al aan, hij gaat dan de hele dag niet meer uit. Ik ben weleens op bezoek geweest bij mensen die beleefd aanboden het geluid uit te zetten tijdens ons gesprek, maar voor mij hielp dat niet: de bewegende stomme beelden fungeerden als een enorme stoorzender.

Anderen vinden het geheel niet bezwaarlijk voortdurend commentaar te leveren op wat ze zien, af en toe weg te lopen en gesprekken over heel andere onderwerpen aan te gaan als de televisie aanstaat.

Ik stel mij op het standpunt dat er een keuze gemaakt moet worden: je kijkt, en dan ben je stil, of hij gaat uit.

Als we op televisie naar een film keken kon mijn vader zich vreselijk ergeren aan personages die zich onverstandig of onverantwoordelijk gedroegen. “Ik was allang naar de politie gegaan” was een gevleugeld gezegde in huize Minnema.

Het pauzeknopje op de afstandsbediening biedt trouwens ook de mogelijkheid om op een bijzondere manier samen te kijken en toch te praten. Het komt regelmatig voor dat ik met mijn zoons een programma bekijk dat we regelmatig stilzetten om heet van de naald te discussiëren over het gebodene.

Zo wezen we elkaar tijdens de laatste uitzending van Zomergasten op de vele voorbeelden waaruit bleek dat de uitzending volledig gescript was. Rutte had alles samen met zijn team minutieus voorbereid en kon dus deze drie uur gratis zendtijd fantastisch benutten voor zijn verkiezingscampagne.

Als ik tv kijk voel ik nog wel een klein beetje wroeging: mijn boek blijft nu ongelezen. Het gevarieerde aanbod op televisie en de technologie die het mogelijk maakt daar op maat gebruik van te maken is inmiddels een geduchte concurrent van het boek geworden.

Een blik in mijn boekje (september):

01 en 04 Eva in Amerika Mooie serie! Het bezoek aan de zweethut had een te hoog Volendamgehalte, maar het gesprek met de prepper was erg goed.
03 MichaWertheim Niet afgekeken. Televisie is geen goed medium voor cabaret.
  Wheeler Dealers Oude auto’s worden vakkundig opgeknapt. Wat is die monteur goed!
04 Heel Holland bakt We kijken naar The Bake Off van de BBC, dan moet je ook naar de Nederlandse variant kijken. Toch? En André van Duin houdt zich in.
  Zomergasten Arme Thomas Erdbrink.
  Kunstuur Moet ik nog kijken (via uitzending gemist). Gaat over het nieuwe museum in Wassenaar.
  Lubach Snel en goed: de zorgconsultant is echtgenoot van de minister.
06 2Doc over de moord op Kennedy Kan ik nooit genoeg van krijgen: de Zapruder beelden, de grassy knoll!
  BBC: documentaire over New York Britse documentaires zijn altijd goed.
07 Tussen kunst en Kitch Sissink doet het een stuk beter dan zijn voorgangster met haar flauwe grapjes, die ik niet uit kon staan. Ik houd van de uitleg door de deskundigen. Die ene (ze weet geloof ik alles van aardewerk) heeft de liefste en beschaafdste stem van Nederland.
  The Great British Bake Off Drama! Wie moet naar huis? Iedereen siddert voor de jury.
08 Het uur van de Wolf Documentaire over Gispen
09 2 voor 12 Eindelijk terug! Spaar ik op om samen met mijn zoon te kijken. Hij weet het woord altijd griezelig snel.
  Extra Slice The Great British Bake off  grappig nabeschouwd.
11 Droomland Amerika Weer over de VS, nu door Bosch van Rosenthal.

dsc_0035

Oud

Naast het fietspad stond een vrouw met verdriet. Ze hield haar ene hand als een kommetje onder haar gezicht om de tranen die over haar wangen biggelden op te vangen. Intussen knipperde ze wild.
Ik vroeg me af of ik haar moest helpen, maar wist niet zeker of ze mijn aanbod op prijs zou stellen.
Ik wilde juist mijn diensten aanbieden toen ik me realiseerde dat de vrouw problemen had met haar contactlenzen. Waarschijnlijk was er door de rijwind een vuiltje in haar oog gewaaid dat nu ernstig ongemak veroorzaakte.

Ik besloot verder te fietsen.

Iemand sprak mij op luide toon aan in een mij onbekende taal. Ik keek over mijn schouder, wellicht waren zijn woorden gericht op iemand die zich achter mij bevond. Er was niemand. Toen ik hem wilde verzoeken zijn vraag in het Nederlands te herhalen, of desnoods in het Engels, zag ik dat hij witte oordopjes in had. Hij was met behulp van zijn mobiele telefoon aan het telefoneren en sprak in een voor mij onzichtbaar microfoontje.

Moest ik de vrouw erop opmerkzaam maken dat ze een vieze zwarte vlek op haar kuit had? Ze was vast met haar been tegen de fietsketting gekomen.
Beter niet, het was geen vlek maar een tattoo.

In de volle treincoupé was iedereen bezig met zijn GSM. Er werd op luide toon gepraat (“we zijn nu bij Weesp”), getikt en geswiped.

De mijne lag thuis in de kast. Hij moest ook nog opgeladen worden.

Ik word oud.

ik ben 62

 

Zo schrijven ze niet meer

Ik heb besloten er een sport van te maken zoveel mogelijk  boeken van Simon Carmiggelt op de kop te tikken, maar alleen in tweedehands boekenwinkels. Het is leuk om een doel te hebben als je daar rondsnuffelt, er is natuurlijk geen kunst aan ze nieuw aan te schaffen (vooropgesteld dat ze nog in druk zijn!), of via Marktplaats.
Op deze manier kan ik het ook met lezen een beetje bijhouden: er is niets aan als je tegen een grote stapel boeken zit aan te kijken die allemaal gelezen moeten worden.
imgresWe praten wel over een meerjarenplan: Carmiggelt heeft meer dan 300 titels op zijn naam staan…..

 

 
Deze heb ik al:

Fluiten in het donker
Allemaal onzin
Een stoet van dwergen
Spijbelen
Carmiggelt gedundrukt

Ik lees nu elke dag een paar verhaaltjes (kronkels) van Carmiggelt. Ik sta versteld van zijn mooie taal en heb regelmatig de aanvechting zinnen of woorden aan te strepen. Hij zet heel trefzeker types neer en geeft tussen de regels vaak een mild oordeel. Hij beschikt over veel mededogen en begrip.  

..zijn broeder stond even stil om mij aan te kijken met de pijnlijke lach, die een kind soms vertoont als het op het potje zit te drukken.

Ik sta versteld van de prachtige beelden die Carmiggelt in zijn verhalen oproept. Hij portretteert zijn karakters feilloos met behulp van prachtig gekozen omschrijvingen. Zijn taal is echter allerminst tijdloos. Je bent je er voortdurend van bewust dat zijn verhalen minstens vijftig jaar geleden geschreven zijn.

Enerzijds geniet je van zijn prachtig taalgebruik, anderzijds verbaas je je erover dat het zo gedateerd is. Het is ondenkbaar dat een columnist vandaag de dag zo zou schrijven, hij zou ook volstrekt niet meer door zijn lezers begrepen worden.

Zij was een zeer grote dame van zowat dertig jaar. Ik gaf haar beleefd de hand die zij ongewoon krachtig drukte, mij vorsend opnemend, als had ik op een annonce gereflecteerd.

Wie Carmiggelt leest realiseert zich dat de tijd niet heeft stilgestaan. Je komt voortdurend woorden en constructies tegen die je nooit in een eigentijdse gedrukte tekst zal aantreffen.
(Als Carmiggelt gebruik had gemaakt van de uitdrukking in de zin hierboven, dan zou hij ongetwijfeld de laatste twee woorden hebben omgedraaid).

Hij gebruikte ook meer leestekens dan tegenwoordig gebruikelijk is.

Carmiggelt was een groot stilist, hij beschikte over een enorme woordenschat en ging er kennelijk van uit dat zijn lezerspubliek op de hoogte was van de betekenis van de moeilijke woorden die hij gebruikte. Dit terwijl hij schreef voor het Parool, bepaald geen krant die uitsluitend door intellectuelen werd gelezen.

Het jongmens in kwestie slaagde er jarenlang iedere morgen in, iets te vinden waarover hij in het avondblad kon schertsen, maar al doende werd hij krom van de zorg. Zijn geest begon te gelijken op een slechtbeklant winkeltje, welks eigenaar met ieder kwartje dat hij ontvangt dadelijk naar buiten snelt om weer wat noodzakelijke levensmiddelen te kopen. Als die journalist ook maar een glimpje van een vrolijke inval had, sprong hij ermee naar zijn schrijfbureau, teneinde die snakerij vast te leggen, voor hij ‘m vergeten was.

images-1

Ik heb uit één kort verhaaltje (amper drie bladzijden) de woorden en constructies gelicht die een gemiddelde lezer anno 2016 waarschijnlijk archaïsch aandoen. (Dit nog los van de onderwerpskeuze: het kan haast niet anders of de meeste lezers in 1946 gingen wel eens naar een toneelvoorstelling en lazen theaterkritieken).

word nooit criticus

word nooit criticus 1

word nooit criticus 2

Moet ge hem opsluiten Carmiggelt maakt hiermee duidelijk dat hier niet de lezer bedoeld wordt.
Potsierlijk Wie kent deze woorden nog?
Zotskap
Die zich niet eens zelf schminken kan We zouden de werkwoorden nu in een andere volgorde zetten.
De toneelbeschouwing, hij heeft haar zelf geschreven Beschouwing is inderdaad vrouwelijk.

Tegenwoordig doet bijna niemand meer moeite het geslacht van een woord te achterhalen, alles wordt mannelijk.

Lies kon de rol niet áán Twee streepjes op aan, je ziet dergelijke hulp-leestekens bijna nooit meer.
Ze hebben hun bekomst Verouderd.
Het Opperwezen Wordt nooit meer gebruikt.
Waarin geen verandering komen moet Woordvolgorde.
De toneelspeler beruste Deze werkwoordsvorm (in de betekenis van: “Je moet er in berusten”) wordt nooit meer gebruikt (alleen in recepten: men neme …)
Zolang hij u die mening niet mededeelt Mooi, maar verouderd
Ge kunt toch niet elke dag een manifest aanplakken, waarin ge verklaart: zo en zo bén ik, ieder die er anders over denkt vergist zich en wordt uitgenodigd zich te vervoegen op mijn kantoor, teneinde mijn argumenten aan te horen? Neen, dat gaat niet. Ge, bén, vervoegen, teneinde, neen.
We hebben allen te maken met de keien, die men ons naar het hoofd werpt, maar staan, formeel, buiten die, welke men nog achter de rug houdt. Werpt, kommagebruik, die welke.
De glimlach die ons, als een practische zevende sluier, voor de monden hangt. Beeldspraak: wat is een zevende sluier?

(Blz 133-136 van Word nooit criticus uit Allemaal onzin).

 

imagesIk blijf de prachtige verhalen lezen, ik blijf genieten van het mooie taalgebruik en probeer niet al te nostalgisch te zijn. De enige emotie waarop ik mezelf af en toe betrap is een gevoel van gemis: als ik hedendaags proza lees zal het niet snel gebeuren dat ik een alinea herlees omdat ik een fraaie formulering of een mooi beeld tegenkwam.
Zelfs goede columnisten zoals Sylvia Witteman kunnen niet tippen aan de meester.

Lees hoe Carmiggelt in enkele zinnen een beeld schetst van een gezin, een café en een dronken bezoeker.
We weten precies wat hij vindt van de opvoedkundige kwaliteiten van de vader en van de Amsterdamse poging tot humor. Maar het mededogen ten aanzien van het jongetje is natuurlijk het mooist.

een gelukkig gezin 2

een gelukkig gezin 2 1


PS
En zo ontmoeten Carmiggelt en Kapitein Rob elkaar ook  nog:

images-2