Over lezen

Van alle geneugten die er voor een mens bestaan is lezen wel de fijnste.
Eten, drinken en televisiekijken komen in de buurt en ook de vleselijke lusten zijn niet te versmaden, maar er gaat niets boven een mooi boek.

In een mensenleven wordt er op verschillende manieren gelezen.

Aanvankelijk lezen

Je kent de letters en probeert van die letters woorden te maken. Als je niet dyslectisch bent en over voldoende verstand beschikt gaat dit allengs sneller en kan je al snel hele zinnen lezen.
Je bent nog wel beperkt tot je eigen taal. Ik herinner mij tandartsbezoeken waarbij ik in de wachtkamer weleens een tijdschrift ter hand nam. Arts en Auto kon mij niet boeien, de Punch leek aantrekkelijker. De teksten waren echter onbegrijpelijk voor mij en zelfs de onderschriften van de cartoons (de punchlines!) ontgingen mij.
Het moet de combinatie van angst (ik zou mij moeten onderwerpen aan de pijnlijke behandelingen van tandarts Spies, in die tijd werd een kind nog niet gerustgesteld) en de niet begrepen grapjes zijn die mij een aversie tegen deze humoristische publicatie heeft bezorgd die tot de dag van vandaag aanhoudt.

Het gretige lezen

Als je eenmaal een beetje vlot kan lezen zie je overal je kans schoon. Gulzig en kritiekloos neem je alles tot je, je gaat er volledig in op. In mijn geval moest mijn moeder het boek uit mijn handen trekken om ervoor te zorgen dat ik niet te laat op school kwam.

Ik las de bibliotheek leeg en beleefde de avonturen van Arendsoog, Biggles, de jongens van de Kameleon en die van de Bob Eversboeken ademloos en intens alsof ze mij zelf overkwamen.

Het lezen met rode oortjes

Er komt een moment dat je vader je wil vertellen over de hoed en de rand, maar je hebt al lang  Jan Wolkers ontdekt en van hem geleerd wat grote mensen met elkaar doen.

Je wordt kritischer

Jammer genoeg komt er een moment dat je niet meer klakkeloos aanneemt wat je leest. Je realiseert je dat de hoofdpersonen van de Bob Eversboeken kennelijk nooit naar school hoeven en dat het toezicht door hun ouders wel erg rudimentair is. Ze reizen de hele wereld door, niemand vraagt om een paspoort en er is ook altijd genoeg geld.

Je begint ook oog te krijgen voor mooi taalgebruik en leest wel eens een zin (of heel boek) over omdat je de formulering of de karakteropbouw zo mooi vond.
Je kijkt met weemoed naar de stapels Alistair Maclean en Desmond Bagley-boeken en realiseert je dat je ze nooit meer zult herlezen. Ik heb ze op Koninginnedag allemaal verkocht.

Het wow-lezen

Met spijt zie je dat er steeds minder pagina’s van dat prachtige boek resteren, je sluit het uiteindelijk met een diepe zucht en zou het liefst weer op pagina 1 beginnen.
Je denkt nog regelmatig aan bepaalde episodes en karakters en gaat onmiddellijk op zoek naar meer boeken van die schrijver. Als het mooie boek onderdeel was van een serie rust je natuurlijk niet vóór je alle delen hebt verslonden (uiteraard in de goede volgorde).

                

Denk aan Sjöwall en Wahlöö, Chaïm Potok, Trevanian, Clavell en Irving (om er zo maar een paar te noemen).

Het burn-out-lezen

Boeken kunnen ook troost geven en je even wegvoeren van het voortdurende piekeren. Zo las ik het complete oeuvre van O’Brian en kon me bezighouden met allerlei nautische aangelegenheden op Engelse oorlogsbodems in de 19e eeuw in plaats van met problemen op het werk en met mijn gezondheid.
Ik kijk wel eens naar de ruggen van die 20 boeken en twijfel: zal ik ze nog eens lezen? Wordt het een feest van herkenning of zal blijken dat ik destijds zo gepreoccupeerd was dat ik ze heb doorgeploegd zonder er een woord van in me op te nemen? Of word ik door herlezing weer teruggebracht naar die nare periode?

Vier boeken tegelijk

Waar ik vroeger genoeg had aan de krant en een roman (voor mijn werk moest ik ook al erg veel lezen) heb ik nu een stapeltje boeken bij mijn favoriete leesplek liggen. Ik lees uit elk een verhaal, hoofdstuk of onderdeel en neem dan monter het volgende boek ter hand en verdiep me daar weer in.
Dit bevalt mij uitstekend. Het grootste voordeel is dat mij dus niet het diepe gat toegaapt dat ontstaat als men een mooi boek uit heeft. Er moet dan een opvolger gezocht worden en dat is niet eenvoudig.  Als het ene boek uit is kunnen de andere drie het verlies opvangen.

Ik krijg gelegenheid het gelezene op mij in te laten werken en doe lekker lang met ieder boek.

Op dit moment lees ik (naast krant en tijdschriften) The Punch van Noah Hawley, een bridgeboek, een bundel met verhalen van Carmiggelt en Familieziek van Adriaan van Dis.

Het allerlekkerste lezen: op vakantie

We gaan pas over ruim een maand weg, maar ik ben al goed voorbereid. Ik kan straks kiezen welke lectuur mij zal vergezellen:

Carmiggelt Drie bundels (ik heb er inmiddels 33 gelezen)
Geert Mak Het huis van orde en papier (het laatste boek van hem dat ik nog niet gelezen heb, zuinig bewaard)
7 spannende boeken Zorgvuldig geselecteerd uit de Thrillergids van Vrij Nederland
Alfred Birney De tolk van Java (Indië blijft trekken)
Wim Daniëls De lagere school (jeugdsentiment)
Noah Hawley A Conspiracy of Tall Men
Jesse Klaver De mythe van het economisme
Philip Roth The Plot against America (een must-read nu hij dood is)
Annie M.G. Schmidt Die van die van u (prachtige dundrukuitgave)
Hans Rosling Factfulness (“why progress is so often secret and silent”)
Mary Lawson Road Ends (omdat ze zo mooi kan schrijven)
Tom Hanks Uncommon Type (korte verhalen)
Paul Mendelson The Right Way to Play Bridge

Bij de caravan of op een terrasje. Is er iets mooiers denkbaar?

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *