Een fantastisch plan van de VO-raad

Een bericht op de voorpagina van de Volkskrant : meer roostervrije uren voor leraren. De werkdruk wordt verminderd doordat ze 100 uur per jaar worden vrijgeroosterd.

scan

 

De VO-raad reageert op een  veelgehoorde en steeds luidere klacht van docenten en vakbonden. Paul Rosenmüller heeft veel gesprekken gevoerd met docenten en weet nu waar het aan schort: leraren moeten teveel uren lesgeven en krijgen te weinig tijd om het onderwijs te verbeteren.

Dat eerste klopt: Nederlandse docenten staan in vergelijking met buurlanden veel meer uren voor de klas. Maar van de tweede klacht zakt mijn broek af: klagen de docenten nu werkelijk over de kwaliteit van hun eigen lessen? En denken zij werkelijk dat ze geholpen zijn met nog meer cursussen die de pretentie hebben hun vaardigheden als bij toverkracht geweldig te vergroten?

Docenten snakken naar een vermindering van de werkdruk, maar het is onomstotelijk vastgesteld dat die veroorzaakt wordt door de steeds maar groeiende vraag van bestuur, inspectie en ouders naar verantwoording. Docenten worden gek van de afvinklijstjes, de afrekencultuur en de verplichting zich suf te communiceren. Het ontbreekt hen aan tijd om goed te overleggen binnen de vakgroep omdat de directie de zoveelste bijscholingscursus voor hen heeft geregeld. Nakijken doen ze ’s avonds en in het weekend thuis, omdat de tijd op school wordt opgeslokt door administratieve taken. Waar ouders vroeger tijdens ouderavonden konden horen hoe hun kind er op school voorstond eisen zij nu per e-mail verantwoording voor elk slecht cijfer en ieder incident. De leraar die zegt hier geen tijd voor te hebben wordt op het matje geroepen door de leidinggevende: onze school mag niet de naam krijgen dat we slecht communiceren! Ouders hebben recht op informatie en de leraar/mentor moet hier voor zorgen. Stante pede!

Een mailtje van de vader van een leerling aan diens docent:
Mijn zoon staat een 3 voor uw vak. Wat denkt u daaraan te gaan doen?

Het leek er even op dat dit plan van de VO-raad ervoor zou zorgen dat de leraar wat meer lucht zou krijgen, maar de boodschap is eigenlijk: de kwaliteit van het onderwijs is slecht en dat ligt aan de leraar. We gaan dat probleem oplossen door de leraar te verplichten nog meer cursussen te volgen.

Dit voorstel moet zo snel mogelijk van tafel. Meer roostervrije uren: prima. Maar geef docenten de mogelijkheid die vrijgekomen uren te benutten op een manier die zij zelf bepalen en verminder de administratieve werkdruk. Geef docenten de ruimte om hun vak uit te oefenen!

 

(Volkskrant 31-03-2016)

 

Guldens

Vroeger was alles mooier

In 2002 werd de gulden afgeschaft als wettig betaalmiddel van Nederland. We kregen er de saaie euro voor in de plaats.

Wat jammer dat daar toen geen referendum over is gehouden, dat was pas een belangrijk onderwerp waarover ik graag mijn mening had gegeven!

Elke keer als ik mijn portemonnee openmaak denk ik terug aan de prachtige guldenbiljetten. Wie wordt er nu blij van de treurige euro’s?

Ik had mij destijds voorgenomen van elke gulden-denominatie  er één te bewaren. Dat is met de muntjes wel gebeurd, ik heb nog ergens een potje staan met wat centen en kwartjes en die rare kleine dubbeltjes. Maar het was natuurlijk een beetje kostbaar om biljetten vast te houden: wie kon het zich veroorloven fl 1440,- ongebruikt in een envelopje te bewaren?

Ik heb heimwee naar onze guldenbiljetten, de mooiste waren de Zonnebloem en de Vuurtoren. Waarin een klein land groot kon zijn!
De  ontwerpers waren Oxenaar en Drupsteen.

50gulden12

250 (2)5gulden

10guldenbiljet100_1982  100g77v

 

1000 gulden25

 

Onlangs keek ik op internet hoeveel het zou kosten o10 guldenm ze nu alsnog te kopen. Ik kwam er toen achter dat er ook van de nieuwste serie verschillende versies waren. Tientjes waren blauw, maar er waren meerdere varianten. Dat gold voor meer waardes.

 

Biljet Ontwerper  € (nu)
5 gulden (Vondel I) Oxenaar  7,50
5 gulden (Vondel II) Oxenaar  10
10 gulden (Frans Hals) Oxenaar  60
10 gulden (IJsvogel) Drupsteen  60
25 gulden (Jan Pieterszoon Sweelinck) Oxenaar  25
25 gulden (Roodborstje) Drupsteen  15
50 gulden (Zonnebloem) Oxenaar  75
100 gulden (Michiel Adriaenszoon de Ruyter) Oxenaar  80
100 gulden (Snip) Oxenaar  80
100 gulden (Steenuil) Drupsteen  65
250 gulden (Vuurtoren) Oxenaar (samen met Kruit)  195
1000 gulden (Baruch d’Espinoza) Oxenaar  560
1000 gulden (Kieviet) Drupsteen  750

Je kunt er nog mee naar de bank!

Wat het lastig maakt, is dat de biljetten nog tot 2025 (of 2032) kunnen worden ingeruild. Tot die tijd betaal je dus nooit minder dan de nominale waarde. Pas vanaf 2025 heerst de wet van de schaarste (of van overvloed). Ze worden dan waarschijnlijk een stuk goedkoper.
In de laatste kolom staan de prijzen die ik vandaag op internet vond. De staat waarin de biljetten verkeren is ook een belangrijke factor: een beschadigd biljet is minder duur dan een gaaf.
Als ik nu een complete verzameling wil kopen zou me dat bijna € 2000,- kosten.

Een ander probleem

Zelfs als ik dit bedrag ervoor over zou hebben: wat moet je met de biljetten doen? Je gaat ze niet in je la leggen, dus moet je een manier bedenken om ze in te lijsten, maar je wilt ze van twee kanten kunnen bekijken.

Ik ben er voorlopig nog niet uit!

Bildung

Vakwerk, het onregelmatig verschijnend huisorgaan van de vereniging Beter Onderwijs Nederland, had enige tijd geleden een special over het onderwerp Bildung. Mij werd gevraagd een bijdrage te leveren vanuit mijn perspectief: dat van een directeur van een basisschool. Ik besloot er enkele persoonlijke ervaringen aan toe te voegen.

Bildung is een begrip dat wordt toegeschreven aan de Duitse geleerde en diplomaat Wilhelm von Humboldt (1767-1835). Voor het woord bestaat geen goede Nederlandse vertaling en het wordt daarom vaak onvertaald gelaten in de literatuur. Bildung zou eventueel vrij vertaald kunnen worden met ‘zelfontplooiing’. (Wikipedia)

In onderwijscontext wordt de term ook vaak gebruikt om dat terrein aan te duiden dat niet gedekt wordt door de formele schoolvakken. Het spreekt voor zichzelf dat Bildung van groot belang is bij de vorming van jonge mensen.

Bildung

Heerlijk lezen

Toen ik op de lagere school zat was het te ver fietsen om tussen middag naar huis te gaan, ik moest overblijven. Het hoofd van de school wist dat ik van lezen hield en stond mij toe ergens in school een plekje te zoeken met een boek uit zijn bibliotheekje. Op die manier las ik boek na boek, met titels als “Aart, de assistent van de schout” en “Het huis met de gekroonde karnton”.
Ik verslond de boeken en ging er helemaal in op, zoals alleen kinderen in de leeftijd van 8 tot 12 dat kunnen. Ze kunnen dan vlot lezen en zijn nog niet zo kritisch dat ze zich storen aan clichématig taalgebruik of een ongeloofwaardige plot.

Er was hier heel duidelijk sprake van Bildung. Weliswaar was meester Horneman niet de enige die een rol speelde in de totstandkoming van mijn liefde voor lezen, hij heeft het zeker aangemoedigd en gefaciliteerd. Het feit dat hij prachtig kon vertellen, vooral over geschiedkundige onderwerpen, was natuurlijk ook een factor van belang. Ik ben nog steeds een gretig lezer en werd zelf onderwijzer en leraar geschiedenis…..

Dit alles vond 45 jaar geleden plaats, het is een interessante vraag in hoeverre er ruimte voor Bildung is in de basisschool  anno 2014.

Bildung in het basisonderwijs?

Het eerste wat in je opkomt in dit opzicht is het grote verschil op het gebied van rust en stilte. Zonder nostalgisch te willen klinken: ik genoot ervan als je in de klas niets anders hoorde dan het krassen van de pennen als we bezig waren met moeilijke sommen.
In onze samenleving die gekenmerkt wordt door een niet aflatende stroom van beeld en geluid is er weinig ruimte voor rust en stilte en dit geldt ook voor de basisschool.
Als ik achterin de klas zit en kijk hoe de leerkracht haar best doet instructie te geven terwijl minstens de helft van de kinderen er zo te zien niets van opsteekt heb ik medelijden met haar en de kinderen. Sommige kinderen zitten rustig en letten op, maar de meesten draaien, friemelen of praten met het kind naast hen. Natuurlijk zijn er ook een of twee  dromers, die met hun eigen gedachten bezig zijn.
Van sommige kinderen weet ik dat ze onmogelijk stil kunnen zitten en een aandachtsspanne hebben van hooguit een halve minuut. Anderen willen misschien wel, maar kunnen zich haast niet concentreren te midden van alle herrie.
Ik heb bewondering voor de juf die toch haar best blijft doen en medelijden met de kinderen die geïnteresseerd zijn en wel wat zouden willen opsteken.
Is hier sprake van een slechte leerkracht die “handelingsverlegen” is (deze vreselijke term wordt vooral gebezigd door alle mensen die erg veel verstand hebben van onderwijs maar zelf niet voor de klas staan)?
In het nagesprek vertelt de leerkracht dat ze alles uit de kast trekt om de aandacht van de kinderen vast te houden: de instructie mag niet te lang duren, moet bij voorkeur plaatsvinden op een geschikt moment van de dag (nooit aan het eind van de ochtend of middag) en moet natuurlijk boeiend zijn. Ze zet de kinderen aan het werk en probeert tijdens haar ronde langs de kinderen hier en daar nog wat extra aandacht te geven aan kinderen die niet verder kunnen. Met 29 kinderen in de klas is dat natuurlijk nooit genoeg.
Ik ben blij dat ze niet probeert de werkelijkheid mooier te maken dan zij is, door bijvoorbeeld over “leerruis” te spreken.

Veilig

Een ander heel erg belangrijke voorwaarde voor Bildung is dat de leerling zich veilig voelt. Wat betreft de relatie met de leraar denk ik dat hier veel verbeterd is vergeleken met vroeger: kinderen zijn bijna nooit bang voor de leraar of de directeur, zijn vaak heel vrij en voelen zich nauwelijks geremd. Soms is de balans wat doorgeslagen en tonen de kinderen geen enkel respect. Jammer genoeg worden kinderen hierin vaak ook niet gestimuleerd door hun ouders.
Deze stand van zaken kan echter wel Bildung in de weg staan: om te kunnen groeien is het noodzakelijk om te erkennen dat anderen soms meer weten en leiding te accepteren.
Veiligheid te midden van hun klasgenoten is er soms niet: er wordt jammer genoeg nog veel gepest op school en niemand heeft veel zicht op wat zich via Internet afspeelt.

Sociaal-emotionele ontwikkeling

logo IchthusIk stelde alle ouders die hun kind aanmeldden de vraag waarom ze gekozen hadden voor mijn school. Vaak kreeg ik als antwoord dat de school goed bekend stond, maar ze vertelden ook regelmatig dat ze verwachtten dat op mijn school veel aandacht zou zijn voor “normen en waarden”.
Omdat ik graag nieuwe kinderen op mijn school verwelkomde verzekerde ik hen dat ze aan het goede adres waren. In werkelijkheid kwam er niet zo heel veel van, omdat het onderdeel sociaal-emotionele ontwikkeling steeds meer onder druk komt te staan door de verhoogde nadruk op vakken als rekenen en taal.
Overheid, inspectie en schoolbestuur benadrukken dat deze vakken voorrang hebben en via een systeem van toetsen en afrekenen zorgen ze ervoor dat dit ook gebeurt. Als de prestaties tegenvallen komt een school onder verscherpt toezicht te staan en kan zelfs tot zwakke school worden verklaard. Geen enkele directeur wil dit, dus het mes wordt gezet in vakken zoals tekenen, muziek, aardrijkskunde en geschiedenis. Na afloop van het schooljaar moeten we constateren dat de mooie nieuwe methode die de sociaal-emotionele ontwikkeling van de kinderen moet stimuleren ongebruikt op de plank is blijven liggen.
Het behoeft geen betoog: wederom geen vruchtbare bodem voor Bildung.

Hoe kundig zijn de meester en de juf?

Meneer Horneman, de meester die mij lesgaf,  had de Kweekschool bezocht, was volledig bevoegd hoofdonderwijzer en van alle markten thuis. Hij gaf alle vakken en had ruim voldoende “meerkennis” om zijn leerlingen de basiskennis bij te brengen van alle vakken. Hij kon moeiteloos inspelen op actualiteiten en makkelijk schakelen tussen de verschillende kennisgebieden.
Het behoeft geen betoog dat het belangrijk is voor de vorming van kinderen dat zij geïnspireerd kunnen worden door volwassenen en dat zij de goede antwoorden kunnen krijgen op hun vragen. Ik ben bang dat teveel juffen en meesters op dit gebied niet aan de eisen voldoen. Dit wordt geïllustreerd door de vaak bedroevende beheersing van de Nederlandse taal: zelfs op rapporten en in brieven aan de ouders tref je taalfouten aan.
De breedte en diepgang van de kennis van leraren is vaak beperkt, dit is vooral een gevolg van de verschraling van de opleiding.
Als je kijkt naar het lesrooster staan daar nog steeds alle vakken op, maar lang niet alle leraren beschikken over voldoende vaardigheden om ze allemaal te geven. De kinderen hebben geluk als hun juf van muziek of tekenen houdt, maar als dit niet het geval is komen ze een jaar lang ernstig te kort op creatief gebied.

Stimulerende leeromgeving

Je kunt je voorstellen dat een “stimulerende leeromgeving” (een heel populaire term bij adviseurs, begeleiders en inspecteurs) een belangrijke bijdrage kan leveren aan Bildung.
Ik herinner me nu nog een voorlichtingsfilm van Shell (gedraaid op zo’n mooie ratelende projector), het hoogtepunt van het jaar op het multimediale vlak in 1967 naast schoolradio (!) en dia’s.
digibordIn 2014 is er bijna geen klaslokaal meer zonder digibord. Als de leraar wil uitleggen hoe het oor er van binnen uitziet zijn de leerlingen niet meer afhankelijk van een onbeholpen krijttekening op het schoolbord, maar kunnen een prachtig geanimeerd filmpje bekijken. Wat dat betreft is er dus een geweldige winst behaald. Via Internet is er een onuitputtelijke hoeveelheid informatie beschikbaar, het probleem is nooit dat informatie niet te vinden is, eerder dat er geen keus gemaakt kan worden uit het beschikbare materiaal. Er is zoveel! En hier is dan meteen de valkuil: wordt de kinderen geleerd informatie te schiften? Op waarde te schatten? Wordt de kennis ook verinnerlijkt?
Hier speelt de kennis en kunde van de leraar weer een heel belangrijke rol, hier had ik het al eerder over….

Passend onderwijs

Het is duidelijk dat de rustige school, waar de onderwijzer frontaal-klassikaal zijn verhaal vertelde niet meer bestaat. De realiteit is, dat matig opgeleide, te zwaar belaste juffen en meesters hun werk moeten doen in drukke, grote klassen. Hun autoriteit wordt vaak betwist door ouders, die onderwijs als product zien en zichzelf als klant; en de klant is koning.
Het bijzonder onderwijs (Katholiek, Protestants-Christelijk) onderscheidt zich nog amper en door het zojuist ingevoerde Passend Onderwijs wordt het nog drukker en rumoeriger in de klas. Parttime juffen voeren de boventoon, meesters zie je nog maar zelden in een school.

Bildung is een ongrijpbaar begrip, je zult nooit kunnen meten of, en in welke mate zij optreedt. Mijn gevoel zegt me dat het klimaat in de basisscholen niet bemoedigend is. Mijn hart gaat uit naar de stille, rustige kinderen voor wie de juf nooit tijd heeft, die zich staande moeten houden in een klas waar het altijd druk is.

Veerkracht

Ik heb veel kritiek geuit op het onderwijs, maar wil graag met een positieve noot eindigen: gelukkig zijn er ook andere plekken waar een kind gevormd kan worden en gestimuleerd. Bildung vindt kennelijk tegen de verdrukking in toch plaats, want ik ken veel aardige, slimme, ontwikkelde en sociaal vaardige jonge mensen die ook nog eens van lezen houden. De jeugd is veerkrachtiger dan we denken!

Noot
Dit artikel is niet verschenen in Vakwerk. Ik trok het terug nadat de redactie een (in mijn ogen) te zware ingreep in de tekst had toegepast.
Ik vind het nog steeds actueel, het verdient een plaats op mijn blog.

Terschelling – de grote drive

Bridgedrive

Als we ’s zomers met onze caravan op de camping staan  gaan we eens per week naar West (de grootste plaats van Terschelling), om bridge te spelen bij de plaatselijke club.
Ze verwelkomen badgasten (zeg nooit: toeristen) daar, ze vinden het leuk als bezoekers een kaartje komen leggen.

Eens per jaar organiseert de Terschellingse bridgeclub een grote drive, in maart. Dit jaar gingen we hier voor de vierde keer naartoe.

Er wordt op vrijdagavond en zaterdagmiddag gespeeld, maar we gingen een dag eerder. We arriveerden donderdagavond en hadden zo de hele vrijdag om lekker over het eiland te lopen.IMG_1087

IMG_1093We logeerden in hotel Schylge (best chique, maar we zijn dit aan onze stand verplicht). We hadden gekozen voor een kamer met zeezicht, je krijgt er nooit genoeg van uit te kijken over de Waddenzee. Er zijn mensen die zeggen dat dit het mooiste uitzicht van Nederland is…

Voor de eerste wedstrijd wordt iedereen willekeurig ingedeeld, de tweede zitting kent een indeling naar niveau.
We haalden vrijdagavond een score van 55%, wat ons recht gaf op een plaats in de B-lijn. We waren blij dat we niet in de A-lijn geplaatst waren, want daar zitten alle cracks in (vorig jaar werden we afgedroogd..)

Aan tafel en tijdens het buffet hebben we leuke gesprekken gevoerd met medespelers, je krijgt op deze manier een leuk inkijkje in het wel en wee van het eiland.

IMG_1098We werden tweede in onze lijn, met 59% en vielen dus in de prijzen.
We mochten naar huis gaan met een verzameling Terschellinger producten.

Volgend jaar gaan we natuurlijk weer!

Een eclectische maaltijd

Ik houd er niet van voedsel weg te gooien. Aan de ene kant is dat moreel verwerpelijk (inderdaad, elders op de wereld sterven mensen van honger), aan de andere kant is het een teken dat je niet goed gepland hebt.

Ik houd van goed plannen: voldoende inkopen (maar niet teveel) en als je dan toch iets overhoudt er iets lekkers van maken.
Ik noem het resultaat dan een een eclectische maaltijd, dat klinkt een stuk beter dan “kliekje”.

Ik had nog een half pakje spekreepjes en een bakje champignons, in de kast lag een restje tagliatelle en wat doet een kok met twee pasteibakjes?
In een opwelling had ik een eetrijpe avocado meegenomen, die moest ook op. Onderin de vriezer zat een aangebroken zak diepvrieserwtjes.

Tagliatelle à la carbonara met champignonpasteitje en avocado.

Van een ei en crème fraîche (okee, die had ik speciaal gekocht) en een restje geraspte kaas maakte ik de basis voor de carbonara.
Ik bakte de spekreepjes uit.
In een roux van spekvet, bloem en bouillon deed ik gebakken champignons en ui en de spekreepjes. Dit was de ragout voor in de pasteibakjes.

Ik prakte de avocado en deed er twee teentjes knoflook uit de pers en een lepel mayonaise bij. Verder voegde ik een handje cashewnootjes toe, die ik uit een zakje gemengde noten gevist had en daarna fijngehakt. Ik gooide er ook een klein beetje van de uitgebakken spekreepjes bij en bracht het geheel op smaak met cayennepeper.

Ik roerde de gaargekookte tagliatelle door het ei-crème fraîche mengsel en deed hier nog wat gebakken champignons doorheen. Van een oud ander recept had ik onthouden dat verse doperwtjes hier ook erg goed bij smaken. Ik had een handje meegebakken met de champignons. Peper en zout.

IMG_1106

De jury gaf dit eclectische gerecht een  8 ½! Het was geen negen omdat het tafelkleed een beetje gekreukt was en omdat het arrangement van bord en bestek beter had gekund.

NMM

Het was weer tijd om de museumkaart te gebruiken

Niet lang geleden werd het NMM geopend, het nieuwe nationaal militair museum. Het staat op de voormalige vliegbasis Soesterberg, we namen een kijkje.

nmm_beeld_mobiel.jpg__1200x630_q85_crop_subsampling-2_upscaleHet gebouw is imposant groot, de entree is op de eerste verdieping. Je komt dan in een aantal zalen waar de collectie thematisch wordt aangeboden, aan de hand van onze vijanden: het water (!), de Spanjaarden, de Duitsers, de Japanners en de Russen.

Er is heel veel te zien, maar de zalen zijn een beetje donker. Regelmatig wordt informatie gelijktijdig op meerdere schermen aangeboden. Je aandacht wordt dan weer links, dan weer in het midden of rechts getrokken en je hebt het onrustige gevoel dat je dingen mist. Je luistert naar een marinier die iets spannends vertelt en tegelijkertijd vliegen er straaljagers rond, ontploffen granaten en maken geüniformeerde vrouwen duidelijk dat het leger allang geen mannending meer is.

In een zaal wordt alles verteld over de vredesmissies waaraan Nederland heeft meegedaan, daar is ook een wand met namen van soldaten die dat niet hebben overleefd…
In een andere ruimte zien we generaal van Uhm die een Tedtalk houdt over de positie van het leger in de samenleving. Hij benadrukt steeds dat het leger in een democratisch land ondergeschikt is aan de regering, ik vind dat hij daar helemaal gelijk in heeft.
Naast het nodige wapentuig zie je ook veel resultaten van nijverheid: zelfgemaakte schildjes, ornamenten en gebruiksvoorwerpen en memorabilia. Het brengt mij in herinnering hoe vreselijk je je kunt vervelen in het leger.

M113 en Dornier

De begane grond is voor het grotere werk: er staan tientallen voertuigen en aan het plafond hangen prachtige (historische) vliegtuigen. Met enige nostalgie bekijk ik de opgestelde M113-tank, het type waarin ik tijdens mijn diensttijd heel wat uren heb doorgebracht.

041001-F-2034C-017 U.S. Army armored vehicles leave Samarra after conducting an assault during Operation Baton Rouge in Samarra, Iraq, on Oct. 1, 2004.  Soldiers of the 1st Battalion, 4th Cavalry Regiment, 1st Infantry Division conducted the assault and then surrounded Samarra sealing it off to keep anti-coalition forces from entering or leaving the town.  DoD photo by Staff Sgt. Shane A. Cuomo, U.S. Air Force.  (Released)

Ik weet nog precies hoe het voelde tijdens het rijden: ik stak er bovenuit, had een stofbril en headset op en genoot van de rijwind, het brullen van de motor en de oerkracht die geen enkele moeite had met hellingen en obstakels. Om mij heen reden andere tanks met zwiepende antennes en kanon-lopen die onafhankelijk van de beweging van de tank kaarsrecht naar voren bleven wijzen. Ik weet nog precies hoe het rook: de stank van dieselmotoren die 10 op 1 reden (dus tien liter brandstof verbruikten per kilometer).

dornier

Verderop staat een prachtige Dornier vliegboot. Als jongen maakte ik er zelf een van een bouwpakket. Het mooiste was de afwerking: ik schilderde het model precies volgens de aanwijzingen met blauwgroene verf uit een heel klein potje. Jammer genoeg gaf het museum alleen heel summiere informatie (vlieghoogte, actieradius, motorvermogen).

Het is te veel!

Ik heb een telkens terugkerende klacht bij elk museum dat ik bezoek: er is teveel te zien! Je begint bij binnenkomst plichtsgetrouw alle informatie te lezen en elk object nauwkeurig te bekijken. Je tempo wordt allengs wat hoger, je slaat een bordje over en loopt steeds sneller naar de volgende vitrine. Soms is er een zaaltje waar een video gedraaid wordt. Daar ga ik altijd naar kijken. Ik zit te midden van heel veel echte (kunst)voorwerpen en kijk naar een filmpje dat ik thuis ook zou kunnen zien….

Ik denk dat elke conservator worstelt met hetzelfde probleem: hoe orden ik mijn collectie, hoe houd ik de aandacht vast, hoe breng ik mijn informatie over en vooral: hoe selecteer ik?

Voor mij geldt dat ik het liefst heel veel informatie krijg over één ding (de Dornier!) en niet zoveel behoefte heb aan een uitgebreide tentoonstelling met heel veel objecten.

Spitfire

DSC_0014Toen we het museum bereikten sprong mijn hart op: ik had de onmiskenbare vorm gezien van een Spitfire, die naast het museum stond. Ik besloot het mooiste voor het laatst te bewaren en bekeek het vliegtuig uitgebreid toen we het museum verlieten. Als jongen las ik veel boeken over de Tweede Wereldoorlog en daarin ging het vaak over de Spitfire. Dit Engelse jachtvliegtuig speelde een heel belangrijke rol in de Battle of Britain, die Hitler verloor. Ik verslond de boeken over Biggles, de dappere jachtvlieger* die het zowel in de eerste als de tweede wereldoorlog opnam tegen de perfide Hunnen. Hij vloog natuurlijk in een Spitfire en ik wist zeker dat ik later ook piloot zou worden.  Wat is het dan een  belevenis als je je hand kunt leggen op de vleugel van een echte Spitfire!

Website NMM

 

*Mijn zus las de boeken van Karl May, ik las Biggles.

Biggles spitfire

Zij vertelde me dat mijn grote held eigenlijk homoseksueel was. Dat wist ze, omdat de schrijver in elk boek wel ergens schreef dat Biggles “kleine, haast vrouwelijke handen” had. Ze vond het ook wel erg tekenend dwhat would Biggels doat Biggles altijd omringd werd door mannen (zijn trouwe maten heetten Ginger en Lacey) en nooit trouwde.
Ik trok me hier niets van aan. Natuurlijk trok hij met mannen op, het was oorlog! En als hij trouwde zou hij geen mooie avonturen meer beleven. Biggles bleef mijn held.

Kleine criminaliteit

Onlangs stond in de krant dat het aantal woninginbraken daalt, vooral in Almere.

Af en toe vindt er toch nog eentje plaats, dieven bezochten zaterdagnacht ons huis toen wij nietsvermoedend op Terschelling zaten. Ze haalden alles overhoop en gingen er uiteindelijk vandoor met het kluisje (was met bouten vastgezet in de muurkast), mijn nieuwe I-mac, onze spiegelreflexcamera en nog wat andere spullen.

In het kluisje zat mijn creditcard en ook het briefje met de pincode. Veilig dacht ik.
De SNS bank kon meedelen dat zondag €1650 van mijn rekening gehaald is. De kaart is inmiddels geblokkeerd, het is nog afwachten of ik het geld terugkrijg.

Zoiets gaat je niet in de koude kleren zitten. Ik heb me er nog steeds niet toe kunnen zetten mijn kamertje op te ruimen. Ik hield het daar altijd heel netjes, ik blogde vanaf die plek. Het is nu een puinhoop.
Ik voel me shaky, gedraag me erratisch en slaap slecht.

In de statistieken valt dit onder de noemer kleine criminaliteit. Voor mij voelt het niet klein, maar je realiseert je op zo’n moment wel hoe verschrikkelijk het is voor mensen die slachtoffer zijn van brand, lichamelijk geweld of oorlog.
Onwillekeurig denk je dan aan de schreeuwende PVV-ers die geen enkel begrip of compassie tonen met de vluchtelingen die een plek moeten krijgen in Nederland.

De verzekering zal waarschijnlijk wel de schade vergoeden, ik ben wat bestanden en foto’s kwijt en moet wat werk over doen (stond op mijn computer), maar uiteindelijk valt het natuurlijk mee.
Even vergelijken met vluchtelingen die alles hebben opgegeven om het vege lijf te redden is een prima manier om te relativeren.

Voorlopig dus blogs vanaf mijn oude computer (te onbeduidend om mee te nemen) en even geen foto’s’.

We blijven doorgaan!

Glas-in-lood

Het huis van mijn ouders stond aan een plein. Aan de andere kant van dat plein stond de Sint Josephkerk. Je moest een trap op om bij de kerkdeur te komen, er was ook een bordes waar je goed kon rolschaatsen. Ik ben nooit binnen geweest, want het was een katholieke kerk en wij waren Nederlands Hervormd.

St Jozef

Vaak liep ik als jongetje door de bosjes om de kerk heen in de hoop een gekleurd stukje glas te vinden. Ik had al een schoenendoos vol maar kon altijd meer gebruiken.

De scherven die ik vond waren van de glas-in-loodramen. Soms viel er zomaar een stuk glas naar beneden, soms was er bij het voetballen iets mis gegaan.

Ik hield de gekleurde stukjes voor mijn oog en keek erdoor. Dat was het allermooist.

Van sommige kleuren had ik er veel, ik hield het meest van paars, maar dat was heel zeldzaam. Ik keek weleens omhoog naar de ramen van de kerk en vroeg me af of er niet een paars ruitje loszat.

Ik ging in gesprek met mijn vader. “Mag je wel stukjes glas oprapen, die naast de kerk liggen?” vroeg ik. Mij vader vond van wel. Ik ging een stapje verder: “Als er een gat in het raam zit omdat een ruitje gebroken is, mag ik dan de scherfjes er voorzichtig uithalen?” Ik voegde er redelijk aan toe: “Het raam is toch al stuk”. Mijn vader twijfelde, maar ging gealarmeerd rechtop zitten toen ik nog een stapje verder ging: als mijn bal nu toevallig juist een paars ruitje raakt en het gaat dan kapot, mag ik de scherven dan oprapen?” Hij had een visioen van zijn zoon die door de politie werd opgebracht en een grote ruzie met de pastoor van de Sint Jospehkerk. Hij maakte me duidelijk dat ik mijn verzameling beslist niet op deze wijze mocht aanvullen.

Ik had er spijt van de kwestie aan de orde te hebben gesteld bij mijn vader. Ik had wel kunnen weten dat hij zo zou reageren. Mijn schoenendoos kwam niet vol, maar mijn interesse in glas-in-lood bleef.

DSC_0165

Glas-in-lood is niet hetzelfde als gebrandschilderd glas.
Een glas-in-loodraam bestaat uit, de naam zegt het al, stukken gekleurd glas die ingeklemd zitten in een strip lood. De gekleurde stukken vormen samen een afbeelding of patroon. Glas-in-lood is vooral mooi als het licht erdoorheen valt.Ik ben altijd blij als ik weer zo’n raam zie, ik ga vaak even een kerk binnen om de vensters van binnenuit te bekijken.

DSC_0169

Ik bezit inmiddels zelf ook een aantal ramen, we hebben ze op maat laten maken voor onze keuken. De glazenier ontwierp voor ons een geometrisch art-Deco-achtig motief. We kozen naast de kleuren rood en groen natuurlijk ook voor paars. De afbeelding op de homepage van dit blog laat een detail van deze ramen zien.

st nicolaaskerkTot mijn verbazing werd de St Nicolaaskerk in Amsterdam genoemd in de wereld-toptien van glas-in-loodramen. Het spreekt voor zichzelf dat we deze kerk een keer gingen bekijken.  Ik kon er geen genoeg van krijgen, de ramen zij  inderdaad magnifiek.

 

Jeruzalemkerk_ansichtkaart_jaren_30_

Niet lang geleden namen we deel aan een fietstocht die georganiseerd was door Museum het Schip in Amsterdam. Het onderwerp van deze fietstocht was: glas-in-lood. We begonnen op het Mercatorplein en de eerste stop was de Jeruzalemkerk.

 

Jeruzalemkerk glas 2Er ging een schok van herkenning door mij heen: hier namen mijn ouders ons vroeger mee naartoe! Ik herinner me de eindeloos lange diensten, uit verveling zat ik voortdurend te tellen: het aantal spijlen van de balustrade, de tegeltjes in de muur en de psalmboeken in het rek. Het indrukwekkende moment waarop de dominee aan het eind van de dienst beide armen heft en de zegen uitspreekt was voor mij het teken dat de verlossing nabij was.

Jeruzalemkerk2Als kind heb ik nooit oog gehad voor dit schitterende Amsterdamse-school monument met zijn reeks prachtige  glas-in-loodramen. Of heb ik ze onbewust wel gezien en is hier mijn liefde voor gekleurd glas ontstaan?

jeruzalemkerk glas in lood 1

 

DSC_0151Het voorlopige sluitstuk van mijn glas-in-lood voorliefde wordt gevormd door de oude ramen die ik in de schutting van onze tuin/buitenkamer heb gezet. De zon schijnt door het gekleurde glas en werpt lichtvlekken op de stenen.

 

Ik vind het nog steeds adembenemend, de paarse vierkantjes zijn natuurlijk het mooist.

 

Mooi

Postzegels

postzegels

Jan van Krimpen (1892 – 1958) ontwierp deze prachtige postzegels, ik herinner me nog goed dat ze op brieven en ansichtkaarten zaten.

1c

8c

Ik bestelde een setje op internet en zocht er een mooi lijstje bij. Ze hangen nu in mijn werkkamer. Mooi!

Wat een vondst!

Ik hoorde van mijn zoon een prachtig voorbeeld van serendipity (iets wat bij toeval ontdekt wordt, vaak als men op zoek was naar iets anders).

wenskaart muziekDe makers van wenskaarten-met-muziek (als je ze openvouwt klinkt er ineens een grappig melodietje) lieten de benodigde chips goedkoop produceren in China. Na ontvangst van de zending constateerden ze dat veel chipjes niet goed werkten: ze produceerden niet het gewenste gelijkmatige geluid, maar haperden regelmatig. De muziek ging steeds van hard naar zacht.

Men stond op het punt de slecht functionerende chipjes weg te gooien toen een medewerker een briljant idee had: konden ze de foute chipjes niet gebruiken bij de fabricage van kunstkaarsjes?kunstkaarsjes

Bij deze kaarsjes is het de bedoeling dat het licht flakkert, om ze er echter uit te laten zien.

Wat een fout was in het ene product was juist een aanwinst in het andere.
Een schitterend voorbeeld van “lateral thinking”!

Het verhaal zou alleen nog mooier zijn als het niet om van die kutproducten ging.