Britse humor op Youtube

Een wonderlijke eigenschap van Youtube is, dat je -zodra je ergens belangstelling voor hebt getoond – daarna gebombardeerd wordt met vergelijkbare filmpjes.

Aan de ene kant angstwekkend: iemand zit over je schouder mee te kijken, aan de andere kant wel handig. Je hoeft niet meer zelf op zoek en je komt zo nog eens in contact met iets waar je zelf niet zo gauw aan gedacht zou hebben.

De laatste tijd staat mijn scherm vol met fragmenten uit Engelse comedyshows waarvan ik het bestaan niet kende, want ze worden uitgezonden op Channel 4 en ITV. Deze zenders zitten niet in het pakket van onze kabelaar.

Ik bekijk deze stukjes met grote bewondering, ik houd erg van Britse humor en we zien hier grootmeesters in het genre.

Lee Mack                                                   Rob Brydon

De spelshows dienen voornamelijk als vehikel voor comedians zoals Rob Brydon, Jimmy Carr, Jon Richardson, Sean Lock, Lee Mack en David Mitchell. Zij grijpen elke gelegenheid aan om grappen te maken, elkaar te plagen of voor schut te zetten.

Jon Richardson                                             Sean Lock

Wat het spektakel zo bijzonder maakt, is dat er heel weinig van tevoren afgesproken of ingestudeerd is. De Britten zijn meesters in het improviseren.

(Als je naar Amerikaanse producties kijkt zie je dat die van begin tot eind gescript zijn, later wordt er een lachband onder gezet zodat de kijkers weten wanneer ze moeten lachen).

David Mitchell

 

De deelnemers zijn geselecteerd op basis van hun humoristische gaven:

Wit
Dit Engelse begrip kan het best vertaald worden met het vermogen woorden te gebruiken op slimme en humoristische wijze.

Thinking on your feet
De deelnemers kunnen ongelooflijk snel inspelen op vragen of opmerkingen van de anderen, ze staan bijna nooit met hun mond vol tanden.

Rant
De comedians proberen elkaar voortdurend de loef af te steken. Af en toe ziet een van hen kans een geweldige rant (tirade) te lanceren waar de anderen niet tussen kunnen komen.

Waar ze kunnen nemen ze elkaar te grazen, vaak aan de hand van (al dan niet vermeende) karaktertrekken. Zo wordt net gedaan alsof Jon Richardson geen vriendin kan krijgen en een beetje autistisch is (hij houdt ervan stickers precies binnen de lijntjes te plakken), wordt Rob Brydon geplaagd met zijn geringe lengte en het feit dat hij een Welshman is en vergelijken ze Jimmy Carr met een Duplopoppetje.

Jimmy Carr 

David Mitchell studeerde in Cambridge, hem wordt voortdurend voor de voeten geworpen dat hij tot de geprivilegieerde klasse behoort en Lee Mack is trots op zijn arbeidersachtergrond.

Rachel Riley                                             Susie Dent

Het zijn voornamelijk mannen die de grappen maken, maar vlak de vrouwen niet uit: Susie Dent presideert over het woordenboek en bepaalt of gevonden woorden wel of niet door de beugel kunnen en Rachel Riley laat met speels gemak zien welke rekenkundige oplossingen de spelers hadden kunnen vinden, want zij is behalve bloedmooi ook een afgestudeerd wiskundige.

In tegenstelling tot de keurige BBC doen de commerciële zenders in Engeland niet moeilijk over een scheldwoord hier en daar en seksuele woordspelingen. Er wordt niets weggepiept!

Er komen ook gasten voorbij, een van de leukste is Alex Horne (met zijn Horne section), hij verzorgt het muzikale gedeelte.

De hierboven beschreven comedians zijn captain van een team waarin ook andere bekende Engelse mediasterren zitten. Die mogen meedoen maar worden natuurlijk finaal van de sokken geblazen door de beroepsgrappenmakers.

Dit alles uiteraard in het allermooiste Engels. Het is net of deze taal uitgevonden is om grappen in te maken.

Ik heb ontdekt dat er af en toe op de BBC ook afleveringen worden uitgezonden van Would I Lie to You, daar kijk ik natuurlijk naar.
Voor de rest moet ik het hebben van de filmpjes op Youtube, heel aangenaam om naar te kijken. Het zijn  korte fragmenten met highlights uit deze shows:

Would I Lie to You
QI
Countdown
8 Out Of 10 cats does Countdown

 

Heerlijk om te zien! Een aanrader.

Twee voorbeelden: (de rest moet je zelf maar bekijken op Youtube):

Noel
(Alex Horne)

Carrot in the box
(compleet gek spelletje)

 

 

 

 

 

Willem Wilmink Notabene!

We waren uitgenodigd door vrienden. We zouden een bridgedrive spelen, er was een lekker dinertje en tussendoor een optreden.

We wisten niet wat ons te wachten stond, we werden verrast door een liedjesprogramma van kleinkunstgroep Notabene. Drie muzikanten verzorgden een prachtig programma van een uur, het was fantastisch.

Notabene bestaat uit zangeres Marieke Moll, pianist Jan Deckers en Michiel Smit op de contrabas. De laatste kenden we al van optredens (ook bij de familie Janssen thuis) van het Almeers Jeugd-filharmonisch orkest (zie mijn blog van juni 2016).

Notabene bracht allemaal nummers van de in 2003 overleden Willem Wilmink.

Ik kende al heel wat werk van hem (Frekie, de voorkant, de meisjes uit vervlogen dagen, adieu café, Hilversum III), maar de liedjes die ik nu hoorde waren nieuw voor mij.

Jan Deckers is muziekleraar in Almere, hij is getrouwd met Marieke Moll. Marieke is de stiefdochter van Willem Wilmink.

Deckers praatte de liedjes aan elkaar, door te vertellen over zijn schoonvader.

Tijdens het luisteren realiseerde ik me dat ik al veel wist van Wilmink. Ik bewonder hem als dichter en heb veel van zijn materiaal gebruikt in mijn taallessen.
Ik vond een bloemlezing (Het kind is vader van de man) en zijn autobiografie (Hier is prins zonneschijn) in mijn boekenkast.

Het optreden verliep vlekkeloos. Deckers speelde piano en viool, Moll accordeon, piano en klarinet. Smit bespeelde de bas en zong een enkele keer mee.

Het mooist nummer vond ik Ben Ali Libi, over een joodse artiest die in de oorlog is vermoord. Deze zinnen zijn de laatste tijd weer behoorlijk actueel:

En altijd als ik een schreeuwer zie
met een alternatief voor de democratie,
denk ik: jouw paradijs, hoeveel ruimte is daar
voor Ben Ali Libi, de goochelaar?

Hoe vaak maak je dit anno 2018 nog mee, een echt optreden tussen de schuifdeuren?
Jan en Ans, veel dank voor deze unieke ervaring!

Tot slot nog een gedichtje van Wilmink:

Slaapliedje:

Het schaap heeft slaap,
de koe is moe,
het varken doet de oogjes toe.

Het paard kijkt over
’t prikkeldraad
en denkt: Het is ontzettend laat.

De kip zegt zacht
nog één keer: Tok.
En ach, daar slaapt ze
op haar stok.

De boer kruipt ook
het bed maar in,
lekker dicht
bij zijn boerin.

Herman Finkers over Wilmink, hij leest ook zelf Echtpaar in de trein

De site van Notabene

 

De restauratie van een historische zeilboot

Ik stuitte op een prachtige serie filmpjes, van een Engelse zeeman/botenbouwer.

Hij kocht aan de westkust van Amerika voor £ 1,- een oud houten schip uit 1910: de Tally Ho.

Deze prachtige zeilboot had jarenlang dienstgedaan als vissersboot, heeft  aan wedstrijden meegedaan, is een keer aan de grond gelopen mar werd uiteindelijk afgedankt. Het schip heeft tientallen jaren liggen rotten, maar gaat nu gered worden.

 

Leo Goolden is een sympathieke jonge Engelsman die enorm veel van zeilen en boten weet. Hij is daarnaast een geschoold timmerman, dus het project is bij hem in goede handen.
Vrienden gaven toestemming gebruik te maken van hun werkplaats, in de staat Washington. Het wrak werd daarnaartoe gebracht en we kunnen getuige zijn van de eerste stappen op weg naar een complete restauratie en uiteindelijk de terugreis naar Engeland.

 

Goolden werkt meestentijds alleen, maar ontvangt soms vrienden en bekenden, die hem gedurende enige tijd bijstaan.
Het is adembenemend hem bezig te zien: hij is onvermoeibaar, geeft nooit op, is heel handig en heeft geweldige kennis van zaken.

Op het eerste gezicht is de boot reddeloos: bijna alles is eraf gesloopt en heel veel planken zijn verrot.

De eerste 14 afleveringen zijn inmiddels op YouTube gezet, en tot nu toe is hij eigenlijk nog niet aan de opbouw begonnen.
De kielbalk kon niet gered worden, het was dus nodig een nieuwe te maken. We zien hoe hij zorgvuldig het hout uitzoekt (twee enorme balken die anderhalve ton per stuk wegen), ze met enorme moeite verplaatst en uiteindelijk aan elkaar verbindt (door middel van een prachtige constructie, een scarph).

 

Af en toe moet hij het werk stilleggen om enkele weken te werken. Hij gaat dan als bootsman of eerste stuurman mee op een zeiljacht en verdient op die manier weer wat geld om door te kunnen werken aan Tally Ho.

Het is een feest de mooi gemaakte filmpjes te bekijken.

Dit is het adres van zijn website, hier kan je ook de filmpjes vinden.

 

Ik wacht met spanning op de volgende aflevering.

Serie: the Handmaid’s Tale

Toen bleek dat er een televisieserie gemaakt was van het boek The Handmaid’s Tale van de Canadese schrijfster Margaret Atwood besloot ik het te herlezen.

Ik had het vlak na verschijning gelezen (1986), het heeft in de tussentijd niet aan waarde ingeboet. Je zou Atwood, gezien de recente ontwikkelingen in Amerika, zelfs profetische gaven kunnen toedichten.

Ze wordt vaak in een adem genoemd met George Orwell, die anno 1948 met 1984 een vergelijkbare dystopische roman had geschreven.

In beide boeken is de democratie opzijgeschoven om plaats te maken voor een totalitair systeem. Bij Orwell is vooral de socialistische heilstaat Rusland te herkennen, in de roman van Atwood is de macht overgenomen door religieuze conservatieven. Dit laatste is niet eens zo’n heel onaannemelijk gegeven.

De serie is losjes gebaseerd op het boek, het heeft geen zin beide voortdurend met elkaar te vergelijken. De schrijvers van de serie hebben zich heel wat vrijheden veroorloofd ten aanzien van Atwood’s verhaal, maar dat was te verwachten. Eén ervan is wel interessant om te vermelden: in de serie worden de nieuwe machthebbers voorgesteld als fanatici die hun machtshonger overgieten met een religieus sausje, kennelijk om steun te verkrijgen van gelovige mensen. Ze hebben echter ook een ecologisch kantje: ze zijn er trots op CO2-emissie te hebben teruggebracht en promoten kleinschalige biologische landbouw. Raadselachtig.

De serie is geweldig: spannend verhaal, goede opbouw en mooi acteerwerk. Je wordt niet blij natuurlijk, je kunt jezelf de vraag stellen in hoeverre een dergelijk toekomstbeeld realistisch is. Gezien de broosheid van ons Westerse democratisch stelsel en het nietsontziende fanatisme waarmee het (vooral in Amerika) stelselmatig ondermijnd wordt acht ik het niet uitgesloten dat we uiteindelijk geconfronteerd worden met een vergelijkbare machtsovername.

De hoofdrol wordt gespeeld door Elisabeth Moss, wat een fantastische actrice!

 

 

We zagen haar kort geleden toevallig ook in Top of The Lake II, een andere aanrader.

 

 

The Handmaid’s Tale (roman)          8

The Handmaid’s Tale (de serie)        9

Top of the Lake                                 8 ½

 

Videoland

We zijn lid geworden van Videoland, omdat we de serie op geen enkele andere manier konden zien. Er is geen DVD en hij zit ook niet op Netflix.

Videoland heeft verder niet zo veel van mijn gading in de aanbieding, ze hebben vooral veel Nederlandse series. Ik zit nu dus met een moreel probleem: zeg ik na de eerste twee gratis weken mijn abonnement op of blijf ik nog even lid? We zitten ook al op Netflix en zullen hoogstwaarschijnlijk pas weer van Videoland gebruikmaken als The Handmaid’s Tale II uitkomt (dit voorjaar).

 

The Crown

Te midden van heel veel rommel vind je op Netflix af en toe een juweeltje.

 

The Crown is een prachtige serie over de geschiedenis van het Engelse koningshuis in de vorige eeuw. Hoofdpersoon is koningin Elizabeth II, die in 1952 haar vader (George VI) opvolgde en nu nog steeds op de troon zit. Voorganger van haar vader was diens broer Edward VIII, die het koningschap opgaf om te kunnen trouwen met de Amerikaanse Wallis Simpson.

We krijgen een fantastisch inkijkje in de Royal Family, die fier overeind blijft in de transitie van absolute monarchie naar een democratie waarin de rol van het staatshoofd een heel andere is.

Elizabeth moet als monarch aan heel wat stormen het hoofd bieden en heeft het ondertussen ook thuis niet makkelijk: haar echtgenoot (Philip Mountbatten) kan niet goed aarden in zijn (ondergeschikte) rol.

In mijn ogen verdient de actrice die Elizabeth speelt, Claire Foy, een Oscar: gezicht altijd in de plooi, op het puntje van haar stoel gezeten met de rug recht en nooit het decorum verliezend.

En dan dat heerlijke upperclass English! Het is puur genieten als Elizabeth en haar zus Margaret met elkaar converseren.

Prins Philip wordt gespeeld door een lelijke acteur, die voortdurend verongelijkt van onder zijn overhangende wenkbrauwen rondkijkt.

 

Ten slotte: de kostuums en attributen zijn een lust voor het oog. Wat maakten ze toch prachtige auto’s en vliegtuigen in die tijd!

 

Ik vraag me af of de echte koningin, die inmiddels bijna 92 is, de serie ook bekijkt. Dat moet wel een heel wonderlijke ervaring voor haar zijn.

 

 

 

 

The Crown seizoen 1 en 2:                   9

Ontdekt: mooie spullen voor een faire prijs

Toen wij deze zomer rondliepen over de Strijp (Eindhoven) waren we enthousiast over alle kleine, startende ondernemers die hier hun plek hebben gevonden.
Bij een van de (niet zo kleine) winkels kochten we een jaren vijftig-klok (zie blog).

We liepen door de winkel en vergaapten ons aan alles wat aangeboden werd, er waren ook veel spullen uit derde-wereldlanden.
Ik had hier gemengde gevoelend bij: aan de ene kant is het een goede zaak dat we producten kopen van kunstenaars en handwerkslieden uit arme landen, aan de andere kant vraag je je af hoeveel erop verdiend wordt door de Europese handelaar en hoeveel de maker ontvangt van de aankoopprijs.

Er stonden niet alleen maar producten die gemaakt waren voor de markt, je kon er ook voorwerpen kopen van religieuze aard of bouw-elementen. Zo stonden er nogal wat oude houten deuren, handgemaakt en -gedecoreerd. Zouden deze deuren “gered” zijn en anders verloren zijn gegaan? Of zijn ze door gewetenloze handelaren voor een habbekrats opgekocht en zijn de gebouwen waar de deuren hoorden deurloos, of nog erger, voorzien van een exemplaar van spaanplaat?

Ik kan er niet goed tegen me voor te stellen dat dergelijke antieke, cultuurspecifieke voorwerpen nu deel uitmaken van het trendy interieur van een Westerse yup.

Ik vind dat een handelaar zich niet schuldig zou mogen maken aan deze plunderpraktijken en dat consumenten de winkels die dit wel doen zouden moeten boycotten.

Sinds kort ben ik erachter dat er andere (fatsoenlijke) manieren zijn om mooie handgemaakte voorwerpen te betrekken voor een faire prijs. Als je ervoor kiest via internet betrouwbare ondernemingen te benaderen kan je met een bescheiden winst voor de intermediair prachtige handgemaakte producten kopen direct van de makers.

Via mijn zoon leerde ik Discovered kennen:

About us.

Discovered Foundation is a non-profit organization that was created with the goal of reducing poverty and encouraging self-reliance for people at the base of the pyramid with a special focus on women. Discovered Foundation aims to encourage entrepreneurship in developing countries and help create direct access to worldwide consumer markets for these entrepreneurs.

We feel that entrepreneurship and doing business is the most sustainable way to reach a higher income. Our hopes is that we enable these entrepreneurs to escape poverty, take control of their lives, and restore pride in themselves. Within this broad theme, Discovered Foundation will focus especially, but not exclusively, on female entrepreneurs so that they can be role models to a new generation of young women and girls shaping their future.

Mijn zoon voert als ZZP een project uit voor deze organisatie, het is niet uitgesloten dat hij een periode in India gaat werken.

Op de site van Discovered is een enorme veelheid aan producten te zien, gunstig geprijsd, door de makers zelf gepresenteerd. Er zijn heel mooie dingen bij.

Ik nam de proef op de som en bestelde twee kleden, gemaakt door Sumit Sharma uit Jaipur (India).
Het kostte uiteraard wat tijd om de spullen hier naartoe te krijgen, maar vandaag arriveerde het pakje.

Ik vind de kleden prachtig, voorlopig gebruik ik ze als sprei. Het kan ook zijn dat ik er een aan de wand hang. Ik betaalde voor de twee kleden nog geen 30 euro (incl. verzending), ik vind dat niet duur.

Het grootste gedeelte van dit bedrag is naar de maker gegaan, zoals het hoort.

Ik raad je aan ook eens rond te kijken!

Discovered:                    8

 

Documentaires: niet altijd even informatief

Ik ben gek op documentaires. Televisie is er een ideaal medium voor: je zit comfortabel in je stoel, terwijl de makers met behulp van (unieke) beelden, filmpjes, interviews, infographics en gesproken commentaar je in korte tijd een stuk wijzer maken.

Ik houd ervan als er in een museum een ruimte is waar een begeleidende film vertoond wordt. Ik zit ze steevast helemaal uit en het zal vast wel eens gebeurd zijn dat ik meer tijd besteedde aan de documentaire over een expositie dan aan de expositie zelf…

Het is ook prachtig als je kunt zien hoe iets gemaakt wordt. Van ruwe grondstof tot eindproduct, razendsnel bewegende machines, fantastische robots: ik kan er geen genoeg van krijgen.

Jammer genoeg gebeurt het (vooral de laatste tijd) ook regelmatig dat ik ongeduldig zit te draaien in mijn stoel. Ik heb een documentaire aangezet omdat het onderwerp me interessant leek, maar kom niet aan mijn trekken.
Het tempo is te laag, de informatie is onduidelijk of incompleet en lijn ontbreekt.

 

Mijn oog was gevallen op de titel Piet is weg, een IDFA-productie.
Het gaat over een Noord-Hollandse jongen die spoorloos verdwijnt op Texel. We kunnen kijken en luisteren naar zijn zus, een vriendin van zijn moeder, enkele (politie)functionarissen en nog een aantal andere betrokkenen.

Heel af en toe hoor je een vraag van de filmer, maar het grootste gedeelte van de tijd luister je naar monologen.

 

Ik vermoed dat Frans Bromet (tegelijk vragensteller en filmer) de eerste was die zo uitdrukkelijk uit beeld bleef. Hij moedigde met zijn bekende lijzige vragen de mensen aan om te praten en hield ze voortdurend in beeld.
Deze werkwijze kan boeiend materiaal opleveren: mensen laten niet graag een stilte vallen en vertellen dan misschien meer dan ze oorspronkelijk van plan waren.

Zo’n afwezige of compleet ondergeschikte interviewer kan je echter ook gaan ergeren. Steeds vaker wacht ik vergeefs op een goede vraag of bijsturing, omdat de ondervraagden niet to the point komen of belangrijke informatie achterhouden.

Het is net of in moderne documentaires zorgvuldige en gedegen informatieverstrekking een beetje op de achtergrond is geraakt. We zien veel sfeerbeelden, er wordt veel ingezoomd op stromend water, herfstige bossen of gezichten en het onderwerp wordt heel traag uit de doeken gedaan. Informatie wordt stukje bij beetje verstrekt, men gaat er van uit dat je al weet waar het over gaat, of heel veel geduld hebt.

Waar we hier mee te maken hebben is een botsing tussen journalistiek en artisticiteit. Een journalist ziet het als zijn taak zijn onderwerp zo helder mogelijk te belichten, een kunstenaar wil vooral mooi en invoelend bezig zijn.
Wie geïnteresseerd is in een onderwerp en hierover graag duidelijk en efficiënt geïnformeerd wil worden (zoals ik) komt in moderne documentaires dus niet zo goed aan zijn trekken.

Een belangrijk adagium van kunstenaars is: show, don’t tell.
Een moderne documentairemaker zal dus vooral lange, mooie opnamen laten zien, de tijd nemen en vooral proberen in te spelen op het gevoel. Hij probeert zijn onderwerp zoveel mogelijk te laten presenteren door degenen over wie het gaat. We zien hem nooit in beeld. Probleem is, dat veel mensen niet zo goed en zeker niet kernachtig kunnen formuleren.

Het kan dan dus gebeuren dat je een uur moet wachten tot je alle feiten op een rijtje hebt en dan na afloop nog steeds met veel vragen zit. Zeer onbevredigend.

Mijn pleidooi: meer journalisten en minder mooifilmers.

 

Piet is weg:                5

 

TV kijken

 

Ik heb lange tijd een hekel gehad aan het journaal. Het was niet zozeer de inhoud die mijn weerzin opriep, maar het onverbiddelijke tijdstip waarop het uitgezonden wordt.

Mijn Friese vader had het niet over het Journaal, maar over “de berichten”, waarbij hij de tweede e niet uitsprak. Als het 8 uur was moesten die aan, ook al waren we net in een interessant gesprek verwikkeld of druk bezig met een leuke activiteit. Alles moest wijken voor de terreur van de treurbuis. Deze term van Komrij had waarschijnlijk vooral betrekking op de matige kwaliteit van het aanbod, maar ik gebruik hem om het asociale, dwingende karakter van deze uitvinding te onderstrepen.

Hoe vaak gebeurt het niet dat de televisie aan blijft staan als er visite is? De beweging op het scherm en het vaak indringende geluid zijn bijzonder storend als je een conversatie tracht gaande te houden.

Als je echt interesse had in een televisieprogramma moest je ervoor zorgen altijd op tijd het toestel aan te zetten. Als je dit niet deed miste je een gedeelte of zelfs alles.
Mijn vrouw volgde een avondstudie en moest zich vreselijk haasten om op tijd thuis te zijn als Twin Peaks vertoond werd.

 

 

Je zapte langs alle kanalen en af en toe zag je iets wat de moeite waard was, maar je had nooit de mogelijkheid even terug te gaan naar het begin.

Wat een geweldige vooruitgang is de service die vandaag de dag wordt aangeboden door je provider: als je middenin een programma valt kan je vanaf het begin kijken en tot een week later kan je alsnog zien wat je gemist hebt.

Waar je vroeger jezelf voor de kop moest slaan dat je niet gezien had wat door een televisierecensent de hemel in werd geprezen kan je nu zonder problemen alsnog kijken. Moest je destijds weleens een moeilijke keus maken tussen programma’s die gelijktijdig werden vertoond: nu kun je ze gewoon allebei zien.

Ik zou nu nooit meer kostbare tijd hoeven te verliezen aan het zappen langs het enorme aanbod aan tv-zenders. Met verbazing blijf ik af en toe hangen bij een programma dat de activiteiten volgt van jonge Engelse vrouwen met opgeblazen neptieten en botoxlippen en zwaar getatoeëerde mannen. Ze beschikken onveranderlijk over een heel laag IQ en hun interactie is van een navenant armoedig peil.

Elders tref ik mensen die zeggen zich te schamen over hun lichamelijke tekortkomingen, maar die desondanks op tv alles laten zien.
En dan zijn er nog de talloze zwaar gescripte “realityshows” (altijd vol opgefokte rivaliteit) of de sitcoms met lachband.

Ik neem me iedere keer voor hier geen tijd meer aan te verspillen, maar kan het toch niet laten even alle zenders af te lopen.

In een klein boekje noteer ik nu aan het begin van de week wat me interessant lijkt en dan kijken we als het ons schikt. Fantastisch! Als het even oninteressant wordt kan je doorspoelen en als het toch niks is ga je naar je volgende keus.

Er zijn een paar bezwaren: het eerste is, dat niet alles teruggekeken kan worden. Af en toe heeft men kennelijk geen toestemming gegeven om een programma later alsnog te zien, of bij het begin te beginnen. Een voorbeeld hiervan is de Graham Nortonshow.
Het tweede bezwaar is, dat je nooit meteen aan het gewenste programma kunt beginnen: je moet eerst nog een flinke portie reclame doorspoelen. Je kunt dan nooit precies stoppen bij het begin van wat je wil zien, dus moet je vervolgens weer een stukje terug.

Het is wel duidelijk wat hier de achtergrond van is: de adverteerders willen natuurlijk graag dat zoveel mogelijk mensen naar hun reclame kijken en dringen er bij de providers kennelijk op aan dat kijkers die een programma later willen zien alsnog vergast worden op hun leuke filmpjes.

Ik vraag me af of adverteerders er werkelijk baat bij hebben als hun filmpjes op 16 x de normale snelheid door ongeduldige kijkers worden doorgespoeld. Mij ergert het, dat ik iedere keer zo moet jongleren vóór ik kan kijken naar wat ik werkelijk wilde zien.

Ten slotte: je moet wel binnen een week bekijken wat je graag wilde zien, want na die tijd is het weg.

En dan is daar natuurlijk Netflix!

Deze aanbieder is heel populair, maar presenteert het aanbod op geheel eigen wijze. Men “meet” waar je belangstelling naar uitgaat en geeft je vervolgens de keus uit films of series die “voor 96%” bij jouw smaak passen.

 

Hoe ze dat weten is voor mij een raadsel en het klopt vaak ook niet.

Ik erger me als men het nodig vindt voor mij te denken. Zo start een nieuwe aflevering automatisch 15 seconden na beëindiging van de vorige en begint zomaar een nieuwe serie als de laatste aflevering van de oude geweest is.

Je wordt niet aangemoedigd te kiezen op titel: de zoekfunctie zit heel diep verstopt onder allerlei menu’s. Als je dan toch een titel hebt gevonden blijkt soms dat de serie alleen in Amerika vertoond wordt. Ordening vindt plaats op genre. Je kunt nooit een volledig overzicht krijgen, veel titels duiken steeds weer op. Je bereikt nooit de laatste titel, je kunt eeuwig blijven zoeken.

Ik las heel lovende kritieken over The Handmaid’s Tale, naar de roman van Margaret Atwood. Deze serie is echter niet op Netflix te zien, je moet abonnee worden van Videoland….

 

 

Er zijn heel wat mogelijkheden bijgekomen de laatste jaren, maar televisiekijken is er niet makkelijker op geworden.

Mindhunter

Soms word je op het goede spoor gebracht door een mooie trailer: die film of serie moet ik zien!

Maar ook het tegenovergestelde gebeurt: je kijkt naar zo’n promotiefilmpje en neemt je voor daar juist niet naar te gaan kijken.

We zagen op Netflix de aankondiging van een nieuwe serie: Mindhunter.
Uit de kleding, auto’s en interieurs viel meteen al op te maken dat de serie zich afspeelde in de zeventiger jaren. Aan die jaren bewaar ik geen fijne nostalgische herinneringen, ik verafschuw de kapsels en brilmonturen uit die tijd en ben al helemaal niet gecharmeerd van weer een serie die zo nodig 30 of veertig jaar geleden moet spelen. Om de een of andere reden denken de makers dat kijkers hier erg gecharmeerd van zullen zijn.
Iedereen kent wel een film die gesitueerd is het verleden, vaak is er ongelooflijk veel moeite gedaan het tijdsbeeld correct weer te geven: alle decors, “props” en zelfs kleurstellingen kloppen. Her beste voorbeeld hiervan is natuurlijk de serie Mad Men, die zich in de zestiger jaren afspeelt. Hierin is zelfs de sociale interactie zeer realistisch verbeeld. Ik vond de serie destijds erg goed.

Ik genoot ook van Foyle’s War (speelt in en vlak na de tweede wereldoorlog: wat een prachtige auto’s reden er toen rond, wat kleedden de vrouwen zich toen prachtig en wat zat hun haar mooi!)

Maar zelfs in het geweldige Mad Men begon al die nostalgie wat te vervelen. Andere cineasten probeerde het succes te evenaren, maar dat is nooit gelukt.

Mindhunter leek dus een verloren zaak, maar ik veranderde van mening toen ik de recensie in de Volkskrant las. De serie kreeg vier sterren, reden om het toch maar eens te proberen.

Ik werd niet teleurgesteld: medewerkers van de FBI zetten de eerste stappen op het gebied van profiling: op zoek naar kenmerken en motieven van seriemoordenaars, met als doel daders sneller te kunnen vinden en eventueel nieuwe misdaden voorkomen.

De hoofdrolspelers stuiten op onbegrip en tegenwerking, maar gaan stug door.
De gesprekken die met zware criminelen gevoerd worden zijn realistisch, je moet er niet aan denken zo’n man in het echt tegen te komen.

We zien dat de kennis en vaardigheden van de FBI-agenten toenemen, ze krijgen ook erkenning van bovenaf: er komt extra subsidie en hulp van de universiteit om het onderzoek voort te zetten.

Tegelijk zie je welke impact dit werk heeft op de geestesgesteldheid van de medewerkers: dagelijks contact met zwaar gestoorde misdadigers laat sporen achter en kan relaties zwaar op de proef stellen.

Tussen de regels door wordt een prachtig beeld geschetst van Amerika eind jaren zeventig: weinig plaats voor psychologische diepgang, een lesbische vrouw moet haar geaardheid angstvallig verborgen houden en de hoofdpersoon kan niet goed uit de voeten met zijn geëmancipeerde vriendin (die zelf overigens ook nog haar houding moet bepalen).

Een prachtige, gelaagde serie met uitstekend acteerwerk. Aanrader!

 

Mindhunter:             8

 

Domme actiegroep

Actiegroep De Grauwe Eeuw vindt tipi-tentenkamp in Breda ‘vorm van racisme’

BREDA – Het vredes-tipi-tentenkamp in Breda is een vorm van ‘koloniale verheerlijking’. En als de organisatie niet tijdig een andere invulling aan het evenement geeft, volgt er ‘actie’. Dat stelt de actiegroep De Grauwe Eeuw in een bericht aan de organisatie.

De Grauwe Eeuw vindt dat Joosen geen recht heeft om tipi’s te gebruiken omdat bij de organisatie geen ‘inheemse Amerikanen’ zijn aangesloten. Het gebruik van de indianententen vindt de actiegroep een vorm van racisme, omdat ‘in dit geval de witte mens’ zich spirituele voorwerpen en gebruiken toe-eigent van een groep die wordt onderdrukt.

Ik ergerde me heel erg aan bovenstaand bericht, om drie redenen.

De eerste is, dat er volstrekt geen verband is aan te tonen tussen de manifestatie en koloniale verheerlijking. Als de actievoerders de moeite hadden genomen te kijken wat er zich precies afspeelde hadden ze dit ontdekt:

Doel van het project, dat bestaat uit zeven tipi’s van kunstenaar, Ben Acket, is juist ‘een week lang praten, luisteren en mediteren over en voor vrede’. Er brandt al die tijd ook een vredevuur. “Ons tentenkamp heeft helemaal niets met uitbuiting te maken,” aldus Joosen.

De tweede reden waarom ik een dergelijk protest dom vind, is dat heel veel mensen direct de associatie zullen krijgen dat de actie gericht is tegen het Indiaantje en Cowboy spelen van kinderen. Dat is inderdaad maar een klein stapje verder. Het lijkt me toch wel duidelijk dat het heel goed mogelijk is zich te tooien (pun intended) met verkleedkleren zonder ook maar in het minst racistische of koloniale gedachten te hebben.

De derde reden is, dat het de aandacht afleidt van werkelijk belangrijke zaken. Voor de hartstochtelijk Zwarte Piet-verdedigers is een actie als deze natuurlijk koren op de molen, die kunnen gemakkelijk allerlei goede ontwikkelingen (zoals de groeiende opvatting dat we Sinterklaas anders moeten gaan vieren) ridiculiseren door ze over een kam te scheren met deze dubieuze actie.

Denk hierbij aan Trump die in de verkiezingscampagne makkelijk kon scoren door erop te wijzen dat Clinton zich druk maakte over genderneutrale toiletten terwijl elders duizenden mensen hun baan waren kwijtgeraakt.

Ik heb er überhaupt moeite mee als mensen anderen de maat gaan nemen op het gebied van politieke correctheid. Je kunt niet in iemands hoofd kijken en kan er beter van uit gaan dat mensen geen kwade bedoelingen hebben.

Wat me ook zo verwondert, is de opvatting dat er nog steeds heel weinig bewustwording is op het gebied van kolonialisme en racisme. Er zijn veel mensen die denken dat er op school alleen maar lovend gesproken wordt over de VOC en dat het slavernijverleden verzwegen wordt.

Er is geen enkele Nederlandse leerling die nooit met een afbeelding als deze geconfronteerd werd.

 

Ik weet bijna zeker dat elke zichzelf respecterende geschiedenisleraar deze en andere zaken genuanceerd in beeld brengt.

Ik groeide op met Arendsoog en Winnetou en smulde van de spannende cowboyverhalen. Ik speelde ze na met mijn vriendjes en kreeg een (vertekend) beeld van de nobele Indianen.
Later leerde ik op school veel over de geschiedenis van de Indianen en de kwalijke rol van de Amerikaanse regering. Ik leerde wat er werkelijk gebeurd was met de Indianen en vond het toch niet erg dat mijn kinderen zich als Indiaan en Cowboy verkleedden.

 

Grauwe Eeuw: kies je actiedoelen zorgvuldig of, beter nog, hef jezelf op. Je hebt de discussie in Nederland over kolonialisme en racisme geen dienst bewezen.