Americana III

Het was tijd me nog wat verder te verdiepen in dat fantastische land aan de overkant van de Atlantische Oceaan.
De Verenigde Staten, land van de bevrijders, van geweldige literatuur, techniek en onbegrensde mogelijkheden maar ook land van Trump, krankzinnig wapenbezit en oerconservatieve fundamentalistische Darwin-ontkenners.

Ik koos voor De geschiedenis van de Verenigde Staten van Frans Verhagen.

 

In negen hoofdstukken behandelt hij verschillende tijdvakken in de geschiedenis van de VS, beginnend bij de eerste Europeanen die zich vestigden in 1612 en eindigend in 2017.

Tijdens het lezen ontdek je dat je al veel weet van Amerika, maar vaak weet je niet precies hoe het zit. Dan is zo’n compleet overzicht natuurlijk heerlijk om te lezen. Je krijgt inzicht in de geschiedenis, de maatschappelijke verhoudingen en de politiek.
Verhagen ziet kans de situatie waarin Amerika nu beland is, met een verschrikkelijke president, een tot op het bot verdeelde samenleving en talloze burgers die nauwelijks het hoofd boven water kunnen houden goed te verklaren vanuit historisch perspectief.

 

Begrijp jij Amerika nog? Van dezelfde schrijver begint waar het andere boek ophoudt.

Verhagen maakt vooral de periode tussen de crisis van 2008 en de verkiezing van president Trump inzichtelijk. We zien de geweldige verschillen tussen de kusten en het binnenland, de nadelen van het (verouderde) politieke systeem, de steeds groter geworden inkomstenverschillen en de verpestende rol van de media.

Hij geeft eerlijk toe dat hij, net zomin als heel veel anderen, het verlies van Clinton voorspeld had. Hij had de boosheid en angst van heel grote groepen blanke middenstanders onderschat en geen oog gehad voor de slimheid van Trump. Die had als geen ander door dat veel Amerikanen zo wanhopig waren dat ze op de enige kandidaat stemden die in hun ogen verandering teweeg zou kunnen brengen.

Verhagen heeft een mooie heldere stijl en verveelt geen moment. Een aanrader!

 

We reisden met de trein naar Assen, waar in het Drents Museum de prachtige expositie The American Dream te zien was. Ondertitel: Amerikaans Realisme 1945-1965.
(Gelijktijdig was in de Kunsthalle in Emden (Duitsland) American Realism te zien, over de periode 1965-2017).

 

In de tentoonstelling (die jammer genoeg inmiddels niet meer te bezoeken is) werden bijna 60 werken (schilderijen, foto’s en beelden) getoond van Amerikaanse kunstenaars.

Publiekstrekker waren twee doeken van Hopper, ik vind het een belevenis om met je neus bovenop zo’n origineel meesterwerk te staan.

 

   Wyeth, Andrew

 

Raphael Soyer                        Roy Lichtenstein

Toen ik de schilderijen bekeken had ging ik op een bankje zitten en zette een koptelefoon op. Ik luisterde naar een speciale playlist, met nummers als Strange Fruit van Billie Holiday, We shall Overcome van Pete Seeger, het dieptreurige Dear John, We shall not be moved en We’ve gotta get out of this place van The Animals.

Deze lijst is nog steeds te beluisteren op Spotify.

Ik nam als waardige afsluiting in het museumcafé een Coca Cola en onionrings.

Verhagen:                        8

The American Dream:  8

 

Americana II

Er was een tijd dat je ervoor moest zorgen op tijd thuis te zijn als je geen aflevering van je favoriete serie op tv wilde missen.
Toen kwam de mogelijkheid programma’s op te nemen, je kon naar de videotheek, of je kocht DVD’s.

Dit is inmiddels helemaal achterhaald, iedereen kijkt naar een betaalzender.
Wij kozen voor Videoland (omdat we The Handmaid’s Tale wilden zien) en Netflix.

Kijken naar deze Amerikaanse aanbieder is een gemengd genoegen.
Prettig is, dat er een aantal leuke en interessante films/documentaires/series te zien is.

Als je een serie aan het kijken bent krijg je als je Netflix opnieuw opstart meteen het aanbod de draad weer op te pakken, vaak is er ook de optie de introductie over te slaan (dat is na verloop van tijd wel handig, dan ken je de intro inmiddels wel).

Wat ik niet fijn vind, is dat mij op grond van een ondoorgrondelijk algoritme voortdurend een groot aantal aanbevelingen wordt gedaan. Netflix vertelt me dat een serie voor 93% overeenkomt met mijn voorkeur. Nergens is te vinden hoe ze aan dat percentage komen en vaak klopt er geen bal van.

Ik ben gewend goed uit te zoeken welke series de moeite van het kijken waard zijn. Ik lees recensies en beoordelingen en noteer titels.
Daarmee benader ik de zoekmachine en word meestal teleurgesteld: staat niet op Netflix. Wel worden mij trouwhartig heel andere films aangereikt waarvan de naam enigszins lijkt op wat ik zocht.

Dat benadert voor mij het toppunt van stupiditeit: je zoekt film A, maar neemt ook genoegen met een film waarvan de titel enkele letters gemeenschappelijk heeft met de door jou gezochte film.

Zouden ze in het geboorteland van Netflix werkelijk zo stom zijn?

We proberen natuurlijk veel aangeboden series, maar haken meestal al na vijf minuten af. Wat hebben ze in Amerika toch een ontstellende berg puin dat door moet gaan voor amusement.

Er staan ook veel documentaires op Netflix, maar op de een of andere manier hebben we daarmee nog niet veel geluk gehad: we probeerden er een paar, maar vonden dat in de meeste heel erg veel gepraat wordt en dat het tempo nogal laag ligt.

Films: er staan nooit nieuwe op, ik voel me niet aangetrokken tot het aanbod.

We gebruiken Netflix nu een paar maanden en zijn tot de overtuiging gekomen dat deze dienst zich voornamelijk richt op kijkers die het eigenlijk niet zo erg veel kan schelen waar ze naar kijken (als het maar beweegt). Dit wordt gedemonstreerd door het feit dat men nooit stopt: als je klaar bent met de ene aflevering wordt de volgende al opgestart en als de serie afgelopen is begint ongevraagd een nieuwe….

Netflix is dus maar zeer ten dele geschikt voor kijkers als wij. We zullen ons best moeten doen er de pareltjes uit te zoeken.

Die zijn er gelukkig wel. Ik kan aanraden uit de top-50:

The Crown
House Of Cards
Fargo
Luther
Broadchurch
Homeland

Gelukkig is er ook nog die andere Amerikaanse club: Amazon. Ik wilde heel graag The Florida Project zien en bestelde de DVD.

Wat een schrijnend prachtige film, die een haarscherp beeld geeft van de Amerikaanse samenleving. Maar je wordt er niet blij van…

 

 

Wordt vervolgd.

Americana I

Op de een of andere manier steekt in mijn bezigheden de VS van Amerika de laatste tijd steeds de kop op.

Jammer genoeg trekt Trump op dit moment de meeste aandacht.

Iedere keer geconfronteerd worden met deze verschrikkelijke president is geen pretje, je zou je eraan willen onttrekken als dat mogelijk was, maar als het gaat om andere aspecten van dit enorme land vind ik het meestal erg interessant.

Youtube probeert erachter te komen waar je belangstelling naar uitgaat en presenteert je vervolgens tot vervelens toe filmpjes die je volgens hun algoritme wel zal kunnen waarderen.
Omdat ik weleens wat bekeek over houtbewerking werd ik op het spoor gezet van twee interessante projecten: jonge Amerikanen bouwen hun eigen boot.

In de huiskamer kun je tegenwoordig niet meer om Netflix heen. We zijn dol op series en dit kanaal biedt hier een overvloed van aan.
Ik lees veel Amerikaanse literatuur en ben ook verzot op non-fictie die betrekking heeft op dit magnifieke land. Ik las The Assault On Reason van Al Gore, Geschiedenis van de Verenigde Staten door Frans Verhagen en ben net begonnen in Begrijp jij Amerika nog? Van dezelfde schrijver.

Ten slotte: we bezochten het Drents Museum in Assen, waar op dit moment de expositie The American Dream te zien is.

Acorn to Arabella

Op deze site kan je de bouw volgen van de Arabella. Steve en Alix zijn twee jonge Amerikanen die in Massachusetts (in het NO van Amerika) 8 jaar hebben uitgetrokken om uiteindelijk het ruime sop te kunnen kiezen in hun zelfgebouwde boot.
Ze leven heel spaarzaam en doen een beroep op geïnteresseerden om hen te sponsoren.

Ze komen heel sympathiek over en zijn in mijn ogen “echt Amerikaans”: Steve is kaal van boven maar heeft een woeste baard en gaat af en toe een squirell schieten om op te eten.

Ze zijn volledig zelfvoorzienend en gaan geen enkele uitdaging uit de weg.

 

We are building a 38’ wooden sailboat designed in 1934 by William Atkin.  Atkin calls this particular boat “Ingrid” but our vessel will be named “Arabella”, once built we intend to take her to the most far flung corners of the world.  We are documenting every aspect of the build as we go, we hope to inspire and educate people along the way and to experience as much of this wonderful world as possible in the process.

When we say “build” we mean just that, from scratch, in our front yard, with our own two hands. Everything for Arabella will be sourced as locally as possible, this is very important to us. 99% of the lumber will be harvested from our property, the logs cut to length, any extra will become firewood to heat the smelter, steam box and us.  The logs will get milled into boards on a small portable sawmill, the boards then will be shaped into a boat.  We need 12,000lbs of scrap lead for a ballast keel and we must build a smelter, melt the lead and pour it into a mold we make.  There is a lot that goes into building a boat of this size!

Dit is hun site, vandaag verscheen net de nieuwste aflevering (van de ruim 50).

Salt & Tar en de Rediviva

Een jong Amerikaans echtpaar begon ook helemaal vanaf nul met de bouw van hun houten zeilboot. Ze werkten op een stuk land in Washington (de staat, in NW Amerika) dat ze van vrienden hiervoor mochten gebruiken. Daarna verhuisden ze hun boot naar California.

 

Salt & Tar is a husband and wife duo determined to build a 35 foot custom George Buehler designed wooden gaff ketch sailboat; documenting their undertaking. Now, 2.5 years into the project at the age of 25, Garrett and Ruth Jolly have transported the project to the San Francisco Bay Area. It began up a hill in Washington state. Equipped only with a 5000W generator, a few power tools, and resolution Rediviva has grown from a stack of lumber to a boat. Continuing the project in the Napa Valley Boatyard with better access to civilization and the launch ramp! You can also check out their blog, https://saltandtar.org , kept for more or less up-to-date information on the project. The couple tries to get an episode out at least once a month. Stay tuned for the book is far from being closed.

Je komt hier op hun site, waar je (inmiddels) 31 afleveringen kunt zien.

Ik ben diep onder de indruk van het doorzettingsvermogen van deze jongen mensen. Ze bieden alle problemen het hoofd (onder andere ijskoude lange winters!) en blijven bescheiden en aardig.
Ze zijn kennelijk gek op elkaar, ik vind vooral Ruth heel charmant.

Als je hen volgt krijg je een heel goede inkijk in een andere kant van Amerika, die meestal onbelicht blijft: beetje hippie-achtig, onafhankelijk, niet-materialistisch en principieel.
Trump mag een voorbeeld aan ze nemen!

 

Wordt vervolgd

 

Col Canto voert het Requiem van Mozart uit

Op een zonnige zondagmiddag woonden we een prachtige uitvoering van het Requiem van Mozart bij.

Wij hadden een plekje bemachtigd in de Leger des Heilskerk vlakbij station Muziekwijk, waar het stuk werd gezongen door het projectkoor Col Canto.

Dit koor bestaat uit amateurs van verschillende Almeerse koren, die uitgebreid geoefend hebben onder leiding van de nieuwe dirigent, Mark Walter.

Ze zongen het Requiem niet voor de eerste keer, we zagen al eens eerder een uitvoering. We hoorden van vele kanten het commentaar dat het nu een stuk beter klonk dan de vorige keer, daar kan ik me bij aansluiten.

Er was ook begeleiding van een orkest, een gedeelte van de muzikanten is afkomstig van het Almeers Jeugd Symfonisch orkest, dat we ook kennen van andere uitvoeringen.

Het Requiem van de grote componist is een van mijn favoriete muziekstukken.
Het tempo lag iets lager dan ik gewend ben, maar de harmonie was prachtig.
Het stuk heeft heel mooie partijen voor met name de sopranen, die voluit gingen. Het risico is dan altijd dat het zingen bij de hoogste noten dan overgaat in gegil, maart dat gebeurde gelukkig niet.
De strijkers hadden niet helemaal hun dag, ik hoorde iemand zeggen dat de instrumenten ontstemd waren geraakt door de hoge temperatuur. Daar houden we het maar op.

 

Veel lof voor de nieuwe dirigent, die naar eigen zeggen de lat hoog legt. Dit wordt door de koorleden op prijs gesteld.

Een mooie ervaring, complimenten voor de uitvoerders.
Volgend jaar staat het Requiem van Brahms op het programma. Ik heb al even geluisterd, het kan wat mij betreft niet tippen aan Mozart, maar ik ga natuurlijk wel weer luisteren.

 

Col Canto Almere, En Suite en AJSO                      8

 

Mondriaanhuis Amersfoort

Onze vriendin uit Engeland was in Nederland, we ontmoetten elkaar in Amersfoort.

Wat is er te doen in deze stad? Mijn vrouw dacht dat ik dit wel zou weten, ik was immers 4 maanden in de Bernhardkazerne gelegerd geweest?
Er kwam niets bij me op, omdat het inmiddels 40 jaar geleden is dat ik ’s konings wapenrok droeg en ik mijn vrije tijd destijds voornamelijk in kroegen placht door te brengen.

Internet bracht uitkomst, we gingen naar het Mondriaanhuis.

 

Dit museum is gevestigd in een fraai grachtenpand, dat in Mondriaan’s tijd dienstdeed als school. Zijn vader was er hoofd, de familie bewoonde de zolder.

Er is niet zoveel werk van Mondriaan te zien, de gids posteert zich naast het rek met ansichtkaarten en houdt daar zijn verhaal.
Als je de schilderijen in het echt wil zien moet je naar andere musea. Zijn bekendste werk, Victory Boogie Woogie, hangt in het gemeentemuseum van Den Haag.

Hier kun je ontdekken hoe zijn werk geleidelijk veranderde van realistische landschappen tot abstracte composities met de karakteristieke lijnen en vlakken. Dompel je onder in zijn dynamische leven en reis mee van Amersfoort via Parijs naar Londen en uiteindelijk naar New York. In zijn op ware grootte Parijse atelier zie je hoe Mondriaan zijn eigen werkruimte geheel naar zijn hand zette. New York beleef je door de ogen van de kunstenaar zelf. In 3d ervaar je zijn artistieke zoektocht die leidde tot zijn absolute meesterwerk, de Victorie Boogie Woogie.

(De folder van het museum)

 

In een andere ruimte werd een soort documentaire vertoond op een manier die past bij zijn werk: op dertien televisieschermen in een compositie van vlakken en zwarte balken.

 

Ik was enigszins teleurgesteld over het nagebouwde Parijse atelier, tot ik hoorde (toen we alweer buiten stonden), dat ik een gedeelte gemist had. Ik had het trappetje moeten bestijgen…

 

We gebruikten de lunch in Logement de Gaaper, een aangenaam etablissement waar je wel even moet wachten op je eten, maar dan heb je ook wat. Ik kan het broodje eiersalade met spek van harte aanbevelen.

 

 

 

Je moet ook altijd nog even een kerk van binnen bekijken.

De Sint Joriskerk heeft zwaar te lijden gehad van de beeldenstorm. De hooligans avant la lettre hadden flink huisgehouden, de kerk koestert de weinige elementen die de aanslag hebben overleefd.

 

We aanvaardden de terugtocht in een Engelse auto, waarin het stuur rechts zit. Uit ervaring wijs geworden nam ik achterin plaats, niet naast de bestuurster. Op deze plek had ik bij mijn vorige bezoek aan Engeland gezeten en machteloze doodsangsten uitgestaan. In Nederland zou het waarschijnlijk nog enger zijn.

 

Mondriaanhuis:                                                         7

Auto’s met het stuur aan de verkeerde kant:          2

Adressen van de sites:
Mondriaanhuis

De Gaaper

The Seekers

Toen mijn vader eens, lang geleden, een nummer van de Beatles op de radio hoorde was hij wel gecharmeerd van wat hij hoorde. “Hoe heet dit combo?” vroeg hij aan mijn zus.

In de tijd dat de Beatles en de Rolling Stones nog voor velen te ver gingen waren er gelukkig ook nog beschaafde muziekgezelschappen te beluisteren die heerlijke easy listening produceerden.

De Seekers hoorden daarbij. 3 Australische mannen en een vrouw waren in 1963 een sensatie, niet alleen in hun thuisland maar ook in Amerika en Groot Brittannië.
Vaders in die tijd zouden er geen enkel bezwaar tegen hebben als hun dochter met een van de frisse gitaristen, Keith of Bruce, zou thuiskomen. Ze zongen netjes in harmonie en hadden een keurig kapsel.

De derde man was Athol Guy, hij bespeelde de contrabas en had een indrukwekkend bril. Het montuur hiervan wekte bij mij associaties op met een van de toen ook heel populaire Thunderbirds.

De troefkaart van het gezelschap was ongetwijfeld Judith Durham, een begaafde sopraan. Ze zong buitengewoon helder en bovendien zeer goed verstaanbaar.

Hun carrière begon op cruiseschepen, waar ze optraden voor de passagiers.

Het repertoire bestond vooral uit bekende liedjes die ze mooi meerstemmig ten gehore brachten. De bekendste waren
I’ll Never Find Another You
A World of Our Own 
Morningtown Ride 
Someday, One Day
Georgy Girl 
The Carnival Is Over

Australian music historian Ian McFarlane described their style as “concentrated on a bright, uptempo sound, although they were too pop to be considered strictly folk and too folk to be rock.”

Sidney Myer Music Bowl in Melbourne

Het is een wonderlijk gezicht: een compleet gevuld muziekstadion met 200.000 aandachtig luisterende fans. Deze konden rekenen op veilige prettige luistermuziek met af en toe een religieus tintje.
“Open up the Pearly Gates” ging inderdaad over de hemel en was geen verborgen toespeling op fellatio.

Durham ging in 1968 haar eigen weg en de jongens moesten het verder zonder haar stellen. Ze noemden zichzelf The New Seekers, een dappere poging overeind te blijven nadat hun grootste talent en publiekstrekker hen in de steek had gelaten.

Maar aardige jongens en meisjes laten het nooit op een definitieve breuk uitlopen. Ze kwamen na vele jaren weer bij elkaar en traden ook weer op.

Ik ben vooral gecharmeerd van I’ll Never Find Another you en A World of Our Own en ga deze nummers inbrengen in de muziekcommissie van ons koor El Mishito. Wellicht komen ze op ons repertoire.

De tekst van de liedjes is mierzoet en ouderwets romantisch, maar dat vind ik in deze tijd waarin de sociale media overspoeld worden met haat, leugens en laster niet zo’n bezwaar.
De muziek is heel geschikt voor een koor, het is prachtig meerstemmig en er is een mooie solo voor een sopraan. We moeten wel kijken of er niet teveel verloren gaat door het gebrek aan begeleiding: we moeten het immers zonder gitaar en bas doen.  Wie weet: wordt vervolgd!

 

The Seekers                       8

 

 

 

 

 

 

 

 

Hartzorgen

Wanneer er reclame wordt vertoond op de televisie zap ik meestal zo snel mogelijk weg. Vaak kom ik dan terecht in weer een andere commercial, want het stikt ervan.

Een heel enkele keer blijf ik kijken, de laatste keer was dat toen een filmpje werd vertoond over hartfalen.
Hierin lopen een vrouw, haar man en een hondje door de natuur. De vrouw houdt een groot rood voorwerp vast, dat haar hart blijkt te zijn! Later klampt het ding zich aan haar been vast terwijl ze de trap op loopt.
Het feit dat haar hart zich dus buiten haar borstkas bevindt schijnt niet van belang te zijn, waar we op moeten letten is, of het wel goed functioneert.

Het filmpje is gemaakt in opdracht van Novartis Pharma en lijkt als doel te hebben mensen erop alert te maken dat het wel eens fout kan gaan met hun hart.

Als 60+-er met overgewicht ben ik mij er zeer van bewust dat ik tot de doelgroep behoor, dus zelfs een infantiel filmpje over dit onderwerp houdt mijn aandacht even vast.

Ik herken enkele symptomen, dus bezoek ik de bijbehorende website om meer te weten te komen.
Vreemd genoeg gaat men er hier meteen van uit dat je hartfalen hebt. Meestal moet je eerst een soort testje doen om te kijken of er inderdaad iets aan de hand is.
Deze stap wordt overgeslagen, kennelijk kan een persoon zelf vaststellen dat zijn klachten te maken hebben met zijn hart.

Ongemakken

Wanneer u hartfalen heeft is het soms moeilijk in te schatten welke ongemakken door uw hartfalen veroorzaakt worden, ze komen geleidelijk en kunnen lijken op ouderdomskwaaltjes, zoals:
sneller vermoeid zijn en snel buiten adem raken. Het is echter niet altijd logisch om met ongemakken van hartfalen te moeten leven. Geef inzicht in uw ongemakken door deze te bespreken met uw cardioloog zodat uw cardioloog mogelijk uw ongemakken kan verminderen.

Ik heb het zinnetje “Het is niet altijd logisch om met ongemakken van hartfalen te moeten leven” meerder keren gelezen, maar kan er eigen lijk geen touw aan vastknopen.

Pas als je verder kijkt wordt geadviseerd met de huisarts te gaan praten.
Eigenlijk gaat men ervan uit dat je meteen met je cardioloog gaat praten. Heeft iedereen een cardioloog?

Je kunt een vragenlijst invullen (de ongemakkenmonitor) die je mee kunt nemen voor dit gesprek. Aan de manier van vragenstellen wordt ook hier weer gesuggereerd dat de diagnose al gesteld is (“Ik voelde mij veilig door de zorg van het ziekenhuis”).

 Ten slotte krijg je het advies ook eens te kijken op hart.volgers.org. Als je dat doet kom je meteen in een omgeving terecht waar iedereen al patiënt is (“Ik heb een tweeslippige aortaklep, ervaringen met ablatie en boezemfibrilleren”). Ze zijn daar ook een beetje verbaasd over de commercial:

HART VOLGERS OP TV

Misschien heeft u het al gezien, maar hart.volgers wordt ingezet bij een tv commercial. Het is niet onze commercial, maar wij worden getoond zodat ongeruste mensen op een makkelijke manier een cardioloog kunnen benaderen.

Inhoudelijk hebben we niets met de commercial te maken. Natuurlijk staan we wel achter de boodschap dat als u verandering merkt en het niet helemaal herkent, dat u contact opneemt met uw huisarts. De campagne loopt deze weken en gaat over hartfalen. Als u vragen heeft, laat het ons weten. Er zijn pakketten en informatie beschikbaar. Ook via de site www.hartfalen.nl 

Let op dat hier wel als eerste suggestie wordt gegeven dat je met je huisarts moet gaan praten.

Je kunt ook nog een informatiepakket aanvragen. Dat ga ik maar niet doen.
Ik denk dat ik beter eens met dokter Batman kan gaan praten (zo heet mijn huisarts).

Ik ben er niet helemaal uit. Is dit nu een rare campagne, of ben ik te kritisch?
Heeft Novartis commerciële (bij)bedoelingen? Zij verdienen er toch niet aan als mensen met een cardioloog gaan praten? Wel als die artsen vervolgens hun medicijnen voorschrijven.
Is dit dan hun drijfveer? Of zijn er uitsluitend menslievende motieven in het spel?

Zeg het maar!

 

 

 

 

Boek

Confucius heeft gezegd dat een man in zijn leven een boom moet planten, een zoon moet verwekken en een boek moet schrijven.

Ik ben al aardig op weg. Toen we in ons huis kwamen wonen plantte ik er een pijnboompje van ongeveer 1.50 m voor.  Nu is de boom hoger dan het huis.
Ik kreeg twee prachtige zonen, mijn grootste levensvreugde.

Maar met dat boek wil het niet zo vlotten.
Het ontbreekt me in de eerste plaats aan inspiratie, daarnaast lijkt het me een enorm gedoe: schrijven, opsturen naar een uitgever en keer op keer afgewezen worden.

Een echte schrijver is bereid veel teleurstellingen te incasseren, weet van geen opgeven en luistert goed naar kritiek. Hij is bereid keer op keer aan zijn zinnen te schaven en begint desnoods opnieuw.
Ik beantwoord niet aan dat beeld. Ik vind het stom als men mijn ingezonden stukken niet plaatst (their loss!) en de keren dat een redacteur zich met mijn teksten meende te moeten bemoeien accepteerde ik dat volstrekt niet.

Mijn methode bestaat er uit dat ik lang over een onderwerp nadenk, de tekst in mijn hoofd voorbereid en dan als het moment rijp is voor de computer ga zitten. De woorden en zinnen komen er dan vrij snel uit, ik maak dankbaar gebruik van de spellingcontrole (zo sloeg ik zojuist in het woordje dankbaar de n aan in plaats van de b, waar Word mij onmiddellijk op opmerkzaam maakte door middel van rode kringeltjes) en lees de tekst een keer goed door. Ik pas hem hier en daar nog een beetje aan en dan is hij klaar.

Ik steek mijn energie vervolgens liever in een nieuw verhaal dan in het editen van iets wat al af is.

Ik ben me ervan bewust dat ik met deze instelling nooit zou kunnen functioneren in een redactie en er nimmer een boek zal verschijnen met mijn naam op de cover.

En daarom ben ik gaan bloggen! Hiermee heb ik volledige vrijheid en kan ik schrijven hoe ik wil en waarover ik wil. Leve het internet!

Een boom, een zoon en een blog

Zou Confucius, als hij geweten had wat bloggen is, ook gezegd kunnen hebben dat een man een boom, een zoon en een blog moet produceren?
Ik betwijfel het. Een boek is een boek: een stapel papier met een band eromheen.

Hoe komt het toch dat iets wat alleen in digitale vorm bestaat, zoals muziek en teksten die je kunt downloaden niet echt als bezit telt?

Als ik mooie muziek hoor wil ik graag de CD bezitten en als ik geïnteresseerd ben in een artikel, of in een boek, wil ik het van papier lezen en niet van het scherm. Ik wil het in mijn hand kunnen houden.
Mijn kast puilt uit van de honderden DVD’s die ik gekocht heb.

Je iets eigen-maken

Ik kwam deze passage tegen in een boek van Guus Kuijer*:

Wanneer je een kind dat nog niet kan lezen herhaaldelijk een van de schitterende boekjes van Dick Bruna voorleest, zul je merken dat het boos wordt wanneer je ook maar één zin verandert of overslaat. Het kind heeft zich namelijk het verhaal eigen gemaakt. Het is zijn verhaal geworden. Verander je het, dan onteigen je het.
Een klein kind vat een verhaal niet op als iets dat is gemaakt, maar als iets dat ís en er altijd is geweest en moet blijven zoals het was.

Dit komt mij heel bekend voor. Als ik een mooi stuk muziek hoor dan vind ik de uitvoering die ik het eerst beluisterde, (meestal de studioversie), de enige echte. Andere artiesten kunnen niet tippen aan de originele uitvoerder en zelfs live-uitvoeringen klinken verkeerd.

Neem nou Me and Bobby McGee, er gaat toch niets boven de prachtige uitvoering van Janis Joplin op de LP Pearl?

Je zou kunnen zeggen dat alle blogs die ik geschreven heb het equivalent zijn van een boek, en dat ik van Confusius dus dood mag gaan, maar het knaagt toch. Een boek is een boek en een verzameling enen en nullen op internet is niet hetzelfde.
Zolang de teksten alleen digitaal te lezen zijn tellen ze niet echt mee.

Betty the Book Machine

Toen ik in the American Book Centre op Betty the Book Machine stuitte was mijn interesse gewekt.

Betty staat in Amsterdam, haar zusje (Bettytoo) in Den Haag en maakt van jouw verzamelde teksten een echt boek, waar je bij staat!

Ik bezocht de site en keek verlekkerd toe hoe een boek uit Betty gleed, in de handen van de schrijfster. Een boek met een gekleurde cover, mooi gelijmd en met een eigen ISBN nummer.

Ik pleegde een beetje research en ontdekte dat je waarschijnlijk niet meer dan €100 betaalt voor je eigen boek! Stel je voor!

Een blik in de toekomst

Er is bezoek. We hebben een goed gesprek, we hebben het op een gegeven moment over boeken. “By the way, wist je dat ik er ook een geschreven heb?” Je loopt naar de boekenkast en trekt er achteloos een boek uit. “Kijk maar”.
Op naar het Boekenbal!

 

Heb ik wat met Confusius?
Nou nee, ik heb zelfs eigenlijke een hekel aan aforismen. Maar soms zijn ze handig als kapstok.

 

 

*Guus Kuijer: Hoe word ik gelukkig? blz 45.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

https://www.abc.nl/betty

Neerlands Hoop In Bange Dagen box

Enkele dagen geleden werd in De Wereld Draait Door de zojuist verschenen verzamelbox van Neerlands Hoop in bange Dagen gepresenteerd.

Matthijs van Nieuwkerk sprak er met Freek de Jonge over en vond het nodig weer eens een hoog moreel standpunt in te nemen (zoals hij onlangs ook deed met Dolf Jansen inzake het misbruikschandaal bij Oxfam Novib) met betrekking tot de breuk tussen Freek en Bram Vermeulen.
De Jonge probeerde uit te leggen dat dit soort dingen gebeurt in partnerships en dat het tot op zekere hoogte onvermijdelijk is. Van Nieuwkerk bleef steken in het beeld van een succesvol artiest die zijn jeugdvriend en oorspronkelijke steunpilaar in de steek laat om alleen meer succes te kunnen oogsten.

Hij had weinig oor voor Freek’s boodschap dat hij juist met de uitgave van deze box een hommage aan het overleden lid van Neerlands Hoop wilde brengen.

Ik veerde op toen ik hoorde dat er zo’n mooie uitgave op de markt zou komen, want ik ben fan vanaf het eerste uur.

Ik denk dat ik een jaar of twintig zal zijn geweest toen ik voor het eerst wat van ze hoorde. Sedertdien heb ik enkele voorstellingen in het theater gezien, alle LP’s van ze gekocht en kan ik hele stukken repertoire opzeggen of zingen.
Op vakantie met een vriend zei ik wel twintig keer: “Wat was dat stom. Wim was z’n paspoort vergeten” en honden heten altijd Bello. Als iemand vloekt: “Dat wordt weer nieuwe woorden leren”.
Altijd als we op Terschelling is er wel gelegenheid om het te hebben over de schoonheid van het Wad bij nacht  en geregeld red ik mij ergens uit door op te merken dat er weleens een de mist in gaat.

En zo kan ik nog úúúren doorgaan…..

Ik moest eens oppassen bij mijn zus en zwager, zij zouden naar een voorstelling in Felix Meritus gaan, een theater pal naast hun huis. Toen mijn neefje sliep ging ik op het balkon staan en hoorde de stemmen van Bram en Freek en het jengelende orgeltje. Dat was het optreden dat bijgewoond werd door mijn zus en zwager!
Datzelfde neefje kreeg later mijn complete LP-verzameling van Neerlands Hoop, ik had inmiddels een CD-speler en ging er van uit dat niemand ooit nog naar platen luisteren zou.

Toen de Jonge in zijn eentje verder ging verloor ik mijn belangstelling. Ik was erg gehecht aan het duo, Freek alleen vond ik niet zo interessant.

Ik moest deze mooie historische uitgave natuurlijk hebben, gisteren werd de box bezorgd.

De inhoud is prachtig verzorgd: twee rijk geïllustreerde boeken, een boek met alle muziek (ook de noten), 4 cd’s en 9 DVD’s.

Er zit zelfs een EP bij, waar ik dus niks mee kan omdat ik geen platenspeler meer heb.

Ik ben meteen aan het eerste boek begonnen en ga systematisch alles verder beluisteren en bekijken. Het wordt een feest van herkenning dat waarschijnlijk heel wat tijd in beslag zal gaan nemen.

Als ik alles gelezen, beluisterd en gezien heb blijft op het laatst de EP over. Tegen die tijd moet ik zelf een platenspeler hebben aangeschaft (maar ik heb ook geen versterker meer…) of moet er een aardig persoon zijn opgestaan die bereid is het vinyl over te zetten op CD.

Laat het buiten maar ijzig koud zijn, ik zit voorlopig goed!

Generatiedingetje

Toen ik in militaire dienst zat was Rainbow Train gekomen om voor ons op te treden.
Het moet een lastige opgave geweest zijn, honderden hitsige huzaren die gewend waren in de bioscoop bij de eerste de beste jurk die in beeld verscheen heel hard “pijpen” te roepen.

De meiden stonden gelukkig op een podium waar je niet gemakkelijk op kon klimmen.

Ik stond vlakbij een van de boxen en liet alles goed op me inwerken. Ik was vooral gefascineerd door de blonde krullebol die een leuk dansje uitvoerde terwijl ze hartstochtelijk “Come to the station to meet sensation”  en “This is heaven on earth” zong.

Op youtube vond ik dit filmpje. De zangeressen hebben hier een soort outfit aan zoals prostituees in het Wilde Westen die plachten te dragen. Ik kan me niet herinneren dat ze op de legerplaats ook zo uitgedost waren. Waarschijnlijk vond men het toen beter van niet.

Het heeft even geduurd voor ik opnieuw een popconcert bezocht. Veertig jaar.

Van een vriendin kregen we kaartjes voor First Aid Kit, een fantastisch Zweeds duo waarover ik eerder schreef. Ze traden op in Paradiso, waar ik ontelbare keren langsgefietst ben maar nog nooit binnen was geweest.

Ik had me voorgesteld dat ik een van de stoelen op de eerste rij zou bemachtigen, om vanuit die comfortabele positie te genieten van het melodieuze lieflijke stemgeluid van Clara en Johanna Söderberg.

Het liep een beetje anders. Toen we de poptempel betraden bleken er geen stoelen te zijn. Op de galerijen stonden wat banken, maar die waren al lang bezet.

Ik was niet blij met de gedachte dat ik enkele uren zou moeten staan, mijn constitutie is meer geschikt voor een zittende positie in een leunstoel.

Ik zocht de zijkant van de zaal op, het leek mij volstrekt niet aantrekkelijk van alle kanten door warme lijven omringd te worden. Ze zouden misschien zelfs gaan raven en dan zou ik de uitgang niet makkelijk kunnen bereiken. Ik dacht het hier wel uit te kunnen houden, want het was er rustig.

Het voorprogramma werd verzorgd door een Californische zanger die Van Williams heette. Hij vertelde dat zijn voornaam weliswaar Nederlands klonk, maar niets met ons land te maken had. Hij heette zo omdat zijn ouders hippies waren die met een busje door Amerika trokken. Daarin was hij verwekt, zijn ouders vonden Van dus een toepasselijke naam.

Hij werd geassisteerd door een drummer die onwaarschijnlijk hard zat te trommelen en een bassist die zich af en toe voorover boog naar de microfoon om ook even mee te gillen. Hij trok zijn hoofd steeds met een schokkende beweging terug, het leek alsof de microfoon magnetische aantrekkingskracht op zijn lippen uitoefende maar hem af en toe plotseling  losliet.

Toen hij klaar was werd het podium in gereedheid gebracht voor de hoofdact. Dat duurde even en intussen vulde de zaal zich. Mijn plekje aan de zijkant was niet zo rustig meer, er posteerden zich steeds meer jonge mensen in mijn nabijheid.

Ik moest denken aan de Bataclan en keek waar de groene bordjes met Uitgang hingen. Het waren er maar twee en tussen de deuren en mij was inmiddels een niet te doordringen kluwen mensen ontstaan die elkaar vrolijk in de oren stond te schreeuwen.

Ik concentreerde mijn aandacht maar op het podium. Ik zag verschillende instrumenten opgesteld staan, heel veel boxen en een indrukwekkend lichtorgel. Er stonden ook tien zwarte beelden van een meter hoog, ze leken wel van zwart steen gemaakt. Ik vroeg me af of het hier misschien om Zweedse volkskunst ging.

Toen de First Aid Kit eindelijk het podium betrad bleek dat wat ik voor stenen beelden had aangezien in werkelijkheid laserkanonnen waren. Ze begonnen te draaien en te kantelen en produceerden alle mogelijke lichteffecten.

De muziek begon en mijn trommelvliezen probeerden zich aan de vele decibels aan te passen. Dat is de rest van de avond niet gelukt, ik had er spijt van dat ik geen oordopjes gekocht had. In de hal hing een automaat waaruit ik ze had kunnen betrekken.

Het aantal posities waarin ik mijn moede lijf kon brengen om kramp, pijnlijke voeten en een zere rug tegen te gaan was beperkt omdat ik de omstanders geen letsel wilde toebrengen.
Mijn “personal bubble” was hier minimaal.

Na het laatste nummer moest ik een plas, maar ik heb nog twintig minuten moeten wachten voor ik de zaal uit kon. Ik vroeg me af hoe het af zou lopen als er brand uitbrak.
Het duurde ook nog een tijdje voor ik mijn jas weer terug had, maar toen kon ik gelukkig naar buiten. Wat was dat fijn.

De muziek

Genoeg oudemannengezeur. Hoe was de muziek?

Het was een geweldige belevenis First Aid Kit in levenden lijve te mogen aanschouwen.
Ik kende ze alleen van hun cd’s, waarop hun stemmen prachtig harmoniëren.

In een popzaal gelden aparte regels. De muziek moet dermate luid zijn, dat een gewoon gesprek voeren absoluut onmogelijk is. Het geluid moet lijfelijk ervaren worden.

De zangeressen leverden een geweldige prestatie: ze zongen onafgebroken de longen uit hun lijf, maar deden dat loepzuiver.

De begeleidende band speelde drums, steelguitar, toetsen en trombone. Vooral dat laatste instrument was mooi.

First Aid Kit speelde het complete repertoire, drie cd’s, en gaf nog een toegift.

Ik ben een boeiende ervaring rijker, maar ben van plan in de toekomst vooral vanuit mijn comfortabele leunstoel van muziek te genieten. Mijn oren zullen me dankbaar zijn.

First Aid Kit               8

Paradiso                     150 dB

 

Voor wie nog even een filmpje wil zien.